In de actualiteitIn gesprek met

In gesprek met Marvin Peersman

Marvin Peersman interview
In de Hekkens shop voor COPA en PGWEAR

Marvin Peersman is op dit moment transfervrij, maar hij begon zijn loopbaan in de jeugd van Germinal Beerschot. Daarna kwam Marvin Peersman uit voor KSK Beveren, Royal Antwerp, FC Dordrecht, Cambuur Leeuwarden en Hapoel Tel Aviv. Wij spraken met hem over het voetballen in Israël, supporters die de tribune in de fik steken tijdens de derby van Tel Aviv en over zijn tijd als voetballer in België en Nederland.

Hoi Marvin Peersman, hebben jullie in Israël veel last gehad van Corona?
“Toen het begon in China werden hier al maatregelen getroffen. Reizigers uit China moesten toen al gelijk twee weken in quarantaine. Daarna mochten alleen nog naar buiten voor het noodzakelijke en ging haast alles dicht. Alleen de supermarkten en banken bleven open. Met de week kregen we weer meer vrijheid.”

Je zit al een tijdje in Israël. Hoe bevalt het leven daar?
“Het leven is wel lekker, man. Je hebt het strand en het mooie weer. Soms wel iets te warm om te voetballen, maar ik kan niet klagen. Het enige wat wel een punt is, is dat het hier heel duur is vergeleken met België en Nederland.”

In januari 2018 maakte je de overstap van Cambuur naar Hapoel. Hoe is jouw transfer tot stand gekomen?
“Ik kreeg van de technische manager van Cambuur, Foeke Booy, op trainingskamp in Spanje te horen dat ik in principe weg mocht als er een club in mij geïnteresseerd was. Dus ik had dat doorgegeven aan mijn zaakwaarnemer. Een tijdje later kwam hij met Israël. Dus ik dacht: huh Israël? Dat is toch woestijn en bommen? Je weet wel, wat altijd in het nieuws komt, toch?

Ik ging toen aan mensen die daar zijn geweest, vragen hoe het leven daar is en ik kreeg alleen maar positieve reacties. Zeker over Tel Aviv was iedereen meer dan positief. Toen ben ik gewoon het avontuur aangegaan en dacht ik: ik kijk wel waar het eindigt.

Ik tekende toen voor een half jaar met een optie voor nog twee jaar. Hapoel Tel Aviv speelde op dat moment voor promotie naar het hoogste niveau. Ze stonden toen één punt voor op de nummer twee. Uiteindelijk zijn we toen gepromoveerd en heb ik mijn contract verlengd. Ik zit nu op het einde van me contract.”

Denk je dat je in Israël blijft voetballen?
“Hmm, ff aankijken. Nu ook met Corona en zo. Dat heeft veel problemen veroorzaakt. Ik heb mijn familie en vrienden al acht maanden niet gezien. Na een tijdje wordt het op dat gebied wel zwaar.”

Merk je het aan bepaalde dingen dat je voor een grote club speelt in Tel Aviv?
“Ja, dat wel. De club heeft fanatieke fans en heel veel ook. In Tel Aviv heb je eigenlijk drie clubs; Maccabi Tel Aviv, Bnei Yehuda en Hapoel Tel Aviv. Hapoel en Maccabi zijn wel echt de grootste clubs uit de stad. Overal waar je komt, willen mensen wel een foto. Dat is wel leuk, ik vind het niet erg.”

Vorige week speelde je de derby van Tel Aviv: de wedstrijd tussen jouw club Hapoel Tel Aviv tegen Maccabi Tel Aviv. Hoe beleef je deze wedstrijden?
“Ik moet je eerlijk zeggen: eerder dit seizoen speelden we die derby ook, maar dan met fans en dat is echt wel gek. Helemaal gekkenhuis! Nu met Corona zit er niemand in het stadion en dan is het gevoel helemaal anders. Het lijkt meer op een oefenwedstrijd.

Vanuit de trainer en vanuit de club wordt er wel op gehamerd dat het een belangrijke wedstrijd is. De fans zeggen ook: je mag heel het seizoen elke wedstrijd verliezen, maar deze wedstrijd moet je winnen. Op het veld wordt dan ook wel is gevochten, maar dat hoort erbij. Dat is alleen maar mooi”

Maar eerder in het seizoen was het dus wel gaaf?
“Ja, dat was helemaal gek. Dat maakt je niet veel mee hoor, dat zijn de echte gekke wedstrijden. Heel veel vuurwerk, vuurwerk op het veld. Vorige keer hadden ze de stoeltjes in brand gestoken!”

Merk je daar als speler op het veld dan veel van?
“Tuurlijk krijg je dat mee. De wedstrijd wordt dan ook vaak even stilgelegd en dan sta ik te kijken en denk ik: zo dat is wel heel serieus. Maar daarna ga je weer terug in de focus, want je wilt die wedstrijd wel winnen natuurlijk.”

Heb je daar wel eens dingen meegemaakt die je als voetballer niet meemaakt in België of Nederland?
“Pff, even denken, want dat is het probleem. Ik heb zoveel gekke dingen meegemaakt, hahaha. We hadden aan het begin van het seizoen een trainer die ons training gaf in de ochtend. Na de training kwam de clubleiding vertellen dat de trainer wegging, omdat hij discussies heeft met mensen van het bestuur. De volgende dag ga ik naar de training, staat de clubleiding er weer en die vertelde toen: ehm ja, de trainer is weer terug, want alles is opgelost. We speelden toen gewoon onze wedstrijden en vier maanden later wordt hij toch ontslagen. Toen kwam er een nieuwe trainer en een maand later hadden we weer dezelfde trainer waarmee we het seizoen begonnen, hahaha.

Ook als we een aantal wedstrijden verliezen dan komen de supporters naar de training. Aan het begin van dit seizoen hadden we een slechte reeks neergezet en toen hebben 100 á 200 supporters de training gestaakt. Ze zeiden toen: jullie gaan niet meer trainen! De trainer werd uitgescholden, de spelers werden uitgescholden. Dat was wel gek.”

Hoe reageer jij er dan op?
“Ik ben al wat ouder en denk dan: laat lekker gaan. Dit hoort ook bij de cultuur hier. Ze zijn heel emotioneel en warm. Als het heel goed gaat, dan ben je de koning hier. Maar als het slecht gaat, dan willen ze je, bij wijze van spreken, vermoorden.” 

Je hebt een aantal mooie clubs in de competitie zitten. Welke uitwedstrijd zal je nooit meer vergeten?
“Tegen Beitar. Die supporters zijn gestoord. Maar uit hebben we daar altijd gewonnen. Dat is wel lekker hoor. Maar daar is het wel gekkenhuis. Vanaf de tribune wordt je de hele tijd uitgescholden en uitgefloten.”

Ik had daar een docu over gezien. Die supporters zijn daar zo fucking racistisch.
“Ja, klopt man. Tegen moslims. Dat zit daar echt heel diep, met die geloven en zo. Ze willen daar geen moslims of Arabieren in het team. Het ergste was dat een Arabier de 1-0 maakte toen wij tegen hen speelden. Dat vond ik wel mooi, hahaha.”

Je hebt in je carrière aardig wat rode kaarten verzameld. Welke vond jij de merkwaardigste?
“Ehm……de meeste waren wel terecht. Soms ging ik over die grens, dat mag natuurlijk niet. Nu met die VAR is het nog moeilijker om wat te doen. Je mag helemaal niks meer.”

Marinus Dijkhuizen heeft jou bij Cambuur wel eens in de kleedkamer al een boete gegeven voor een rode kaart die je pakte. Wat vond je daarvan?
“Op het moment zelf dacht ik wel dat het overdreven was, maar achteraf begrijp ik het wel. De club moet wel een voorbeeld geven dat ze het niet accepteren. Ik was hoe dan ook al gestraft, omdat ik van de KNVB drie of vier wedstrijden schorsing had gekregen. Maar ja, het was mijn eigen fout, dus ik kon er wel mee leven.

Ik vond het wel een lekkere overtreding, hahaha.
“Tsja, ik kan hem niet goed noemen. Maar Jong Ajax begon ons te dollen. Een beetje arrogant. En daar kan ik niet tegen. Je moet gewoon met respect blijven voetballen en niet mensen proberen belachelijk te maken. Ze gingen balletjes achter het standbeen spelen, beetje lachen. Dat moet je bij mij niet proberen, want dan ga ik gewoon door je heen.”

Als speler van Cambuur heb jij de Friese Derby tegen Heerenveen gespeeld. Merkte je dat de derby leeft bij supporters?
“Ja, dat leeft echt hoor. De training voor de wedstrijd zat het hele stadion vol. Dat was wel gek, man! Als je met de bus naar Heerenveen gaat dan ga je bruggen voorbij en dan zie je overal spandoeken. Dat is wel leuk!”
In gesprek met Marvin Peersman

Eerder in je carrière kwam je uit voor KSK Beveren, Royal Antwerp, FC Dordrecht en Cambuur. Waar heb je de mooiste momenten beleefd?
“Bij Dordt, we waren gepromoveerd. Het jaar voor de promotie kwam ik bij Dordt terecht. Ik was net terug van een knieblessure. We hadden een heel leuk team, leuke sfeer en alles klikte.”

Hoe was je band met Marco Boogers, toenmalig technisch directeur van FC Dordrecht?
“Ja, goed man. Hij was heel strikt. Als je niet goed speelde, hoorde je het gelijk. Maar hij zei dat ook als je goed had gespeeld. Iedereen wist waar hij aan toe was. Ik heb alleen meer positieve gedachten bij Marco. In de voetbalwereld heb je veel mensen die sneaky zijn, maar hij zegt gewoon wat hij denkt. Na de wedstrijd moesten we met hele team een drankje doen in de businessruimte. Dat moest voor de teamsfeer. Je wint samen, je verliest samen.”

Ik hoorde ook iets over een trainingskamp in Hellevoetsluis dat een beetje uit de hand was gelopen.
“Hahaha, daar ga ik niet verder op in. Zullen we het zo zeggen: die trainingskampen waren wel erg leuk.”

Je bent geboren in Wilrijk en je hebt in de jeugd gezeten van Germinal Beerschot. In 2010 heb je nog voor Antwerp FC gespeeld. Voelde dat niet raar?
“Ik was vanuit de jeugd weggegaan bij Beerschot en toen ging ik naar Beveren. Pas later ging ik naar Antwerp. Ook speelde Antwerp toen in de Tweede klasse en Beerschot in de Eerste klasse. Dus het lag niet zo heel gevoelig.”

Daarnaast heb jij bij de U19 van de Rode Duivels met onder andere Kevin de Bruyne gespeeld, een uitzonderlijk goede speler. Waarom heb jij nooit in een topcompetitie gevoetbald?
“Ja, misschien niet goed genoeg. Maar ook wel beetje door omstandigheden. Ik speelde bij U19 de kwalificatie en daarna werd ik geopereerd aan mijn blinde darm en ik was toen niet fit genoeg om mee te gaan naar het eindtoernooi. Daarna ben ik niet meer opgeroepen. Als ik misschien dat eindtoernooi had gespeeld, dan had mijn carrière er misschien wel anders uitgezien. Maar ik ben blij met wat ik tot nu toe heb bereikt en hopelijk komen er nog een paar mooie dingen bij.” 

Ook ben je twee keer gedegradeerd. Wat voor leerpunten haal je daar als voetballer en als mens uit?
“Je leert elk seizoen wel iets bij. Maar ik heb toen wel echt geleerd om de slechte periodes niet mee naar huis te nemen. Want het was heel zwaar om elk weekend te verliezen. Ik voelde me toen soms drie dagen echt heel slecht. Je moet eigenlijk op zo’n moment vooruit kijken, maar op dat moment keek ik vooral terug. Ik heb dus echt geleerd om meer te relativeren.” 

Zien we jou nog wel eens terug op de Belgische of Nederlandse velden?
“Dat weet ik niet. Ik wil het hoogst haalbare halen, maar daar heb je als speler niet altijd invloed op. Het enige wat ik kan doen, is mijn best doen, fit blijven en voor mijn sport leven.

Wij spreken vaker met voetballers over hun avonturen in het buitenland, hun carrières en natuurlijk over de beste supporters waarvoor zij hebben gevoetbald. Lees ook onze gesprekken met Vito Wormgoor, Ilias Haddad, Boy Waterman, Mickey van der Hart, Marc Klok en Sylvano Comvalius.

 

 

In de Hekken Shop is terug! Met bijna 600 artikelen van COPA en PGWEAR valt er genoeg te kiezen. Bestel nu en krijg bij elke bestelling een In de Hekken mondkapje cadeau!

Sander Wesdijk
Over de schrijver

Mijn naam is Sander Wesdijk en ik heb een passie voor voetbal, reizen en fotografie. In het weekend volg ik meestal mijn club Excelsior achterna, maar ik ben ook vaak bij een obscure wedstrijd te vinden in bijvoorbeeld Polen of Israël. Tijdens wedstrijden vind ik het schitterend om de emoties van de supporters vast te leggen met mijn camera. Deze foto's wil ik graag met jullie delen!
    Ook leuk om te lezen...
    In de actualiteitIn gesprek met

    In gesprek met: Erol Alkan

    In de actualiteitIn gesprek met

    In gesprek met: Terence Groothusen

    In de actualiteitIn gesprek met

    In gesprek met: Randell Harrevelt

    In de actualiteitIn gesprek met

    In gesprek met: Sylvano Comvalius