Sloop oude Cambuurstadion: van bordes naar rookterras
In 1980 krijgt het Cambuurstadion twee nieuwe, overdekte tribunes. De onoverdekte stenen en deels houten tribunes aan lange en korte zijden van het veld worden vervangen door een zit- en een staantribune (Oost en Zuid). Ik ben dan zeven jaar oud en woon op minder dan 100 meter van het stadion. In de schaduw van de lichtmasten, die eveneens vervangen worden. Ik ga dan ook regelmatig kijken bij de bouw; ik zie de tribunes van fundament tot dak verrijzen. Ruim vijfenveertig jaar later ga ik weer kijken. Maar dan bij de sloop. De cirkel is rond, zeggen ze dan.
Het nieuwe Kooi Stadion, aan de andere kant van Leeuwarden, is prachtig. Cambuur blijft er zelfs het hele kalenderjaar 2025 maar liefst twintig keer ongeslagen, wat geen enkele ploeg in de Eerste Divisie daarvoor lukt. In het Kooi Stadion zijn de financiële mogelijkheden uiteraard vele malen groter dan aan het Cambuurplein. Met als doel voor de club om een stabiele middenmoter in de Eredivisie te worden. Met bijvoorbeeld regelmatige, voorspelbare uitslagen als 0-0 of 1-1 tegen andere middenmoters als Sparta of Fortuna Sittard.
Pieken en dalen
Maar eerlijk gezegd: ik zie volksclub Cambuur niet stabiel worden. Het past ook niet bij de club. Er gebeurt altijd wel wat bij Cambuur, zoals de legendarische oud-trainer Fritz Korbach ooit geheel terecht opmerkte. En dat maakt de club uniek, en nooit saai. Met (gemiste) promoties, degradaties, bijna-faillissementen, spektakelwedstrijden en boerenkoolvoetbal. Of recent de financiële perikelen als gevolg van de fors hogere kosten voor het nieuwe stadion.
Met name oudere supporters hebben nog steeds moeite om afscheid te nemen van het vervallen stadion aan het Cambuurplein. Zeker nu het gesloopt wordt. Een deel van hen mijdt bewust foto’s van de ontmanteling van het stadion. Cambuur-fangroepen op Facebook laten deze niet zien, omdat het voor sommige volgers te heftig zou zijn.

Foto Jurgen de Raad

Foto Jurgen de Raad

Foto Annie Rozendaal
Laatste zetje
Hoewel het opgroeien bij het stadion mij voor een deel heeft gevormd, sta ik er wat pragmatischer in. Ik volg de ontwikkelingen van de sloop juist op de voet. Ik zie de afbraak van het oude stadion als de schoonheid van het verval. Eind oktober begint de sloop van de Noord-tribune. Ik woon al jaren niet meer in Leeuwarden en kan niet last-minute besluiten om even bij de sloop te gaan kijken. Daarom vraag ik wat mensen die wel in Leeuwarden wonen om foto’s te maken van de eerste sloopwerkzaamheden. Het is dan half november en de foto’s, samen met beelden van de ontmanteling die op social media voorbijkomen, geven mij het laatste zetje: ik moet hier naartoe, anders krijg ik spijt.


Brokstukken en herinneringen
Op twee vrijdagmiddagen, eind 2025, reis ik naar Leeuwarden om de sloop van dichtbij mee te maken. Aangekomen op het Cambuurplein parkeer ik mijn OV-fiets bij de levendig drukke supermarkt die tegen de oude hoofdtribune (West) aangeplakt zit. Het is halverwege de middag, bij de oliebollenkraam is het rustig. De Vietnamese loempiakar blijkt gesloten. Ik wandel richting de oude Oost-tribune, die nog maar voor een deel overeind staat. Het hek naar de voormalige voetbalvelden van v.v. Leeuwarden is open en ik ga het terrein op. Het heeft flink geregend de afgelopen weken en wanneer ik van het gebaande pad richting stadionhek loop, zak ik regelmatig weg in de blubber. De sloop van dichtbij gadeslaan lukt niet: de vriendelijke slopers laten mij luid en duidelijk weten dat het oude stadion verboden terrein is voor ramptoeristen.



Ik zal het moeten doen met het maken van foto’s buiten de hekken. Toch past de lens van mijn pocketcamera net door de vierkante gaatjes van het minstens zestig jaar oude stadionhek. Waar we als jongetjes nog regelmatig overheen klommen, ondanks pogingen van de gemeente Leeuwarden om ons tegen te houden. Met als meest bizarre maatregel dat ze op een gegeven moment verf die niet droogt aan de bovenkant van het hek smeerden, om je kleren mee te besmeuren. Maar ook daar klommen we met gemak overheen.



Staantribunes, stoeltjes en beton
De Noord-tribune is eind november bijna volledig verdwenen. Alleen het deel waar de ingang van supportershome ’t Hert zat staat nog overeind. Het gebied tussen waar ooit Noord stond en wat nog over is van Zuid oogt als een gevulde bomkrater: af en toe verwrongen staal en vooral gestapeld puin van beton en stenen muurdelen. De slopers zijn ondertussen aanbeland bij het ontmantelen van het stalen geraamte van de voormalige zittribune. Achter de tribune oogt het gek genoeg een stuk opgeruimder dan tijdens stoeltjesophaaldag afgelopen juni. Toen stond de afgetakelde geel-blauwe schaftkeet er nog. Over niet al te lange tijd ziet het hele terrein er waarschijnlijk net zo uit: vlakgemaakt en bouwrijp.
Van Cambuurplein naar Kooi Stadion
Ondertussen breekt de zon door op deze koude vrijdagmiddag. Mijn handen zijn al aardig aan het verkleumen door het nemen van vele foto’s zonder handschoenen. Ik verlaat het terrein van v.v. Leeuwarden en loop via het Cambuurplein naar het braakliggende terrein van Noord. Ik zie het restant van Oost van de voorkant. Het licht van de winterzon krijgt door het verwijderde dak de kans om de betonnen basis van de tribune te beschijnen. Een mild licht tussen de brokstukken. Mijn handen worden steeds kouder en ik vind het genoeg geweest voor vandaag. In de wetenschap dat ik hier over twee weken weer sta.
Ik bezoek vandaag twee Cambuurstadions: ’s avonds ga ik naar het Kooi Stadion voor de topper in de Eerste Divisie tussen Cambuur en ADO Den Haag, de bovenste twee van de ranglijst. Het stadion is voor het eerst volledig uitverkocht. Zelfs de hoofdtribune, alleen toegankelijk voor gasten, pers en sponsoren en vaak met veel lege plekken, is volledig bezet. In een sfeervolle ambiance en tjokvol toeschouwers bewijst het nieuwe stadion de potentie als onneembare vesting: Cambuur brengt ADO de eerste seizoensnederlaag toe. Het contrast met afgelopen middag kan bijna niet groter zijn.
De Klomp en het rookterras
Twee weken later bezoek ik het Cambuurplein opnieuw. Het is mistig en kil weer, wat precies bij het bezoeken van een stadionruïne past. Van de Oost-tribune rest slechts puin en metaal. De sloop van de Zuid-tribune, achter het doel, is inmiddels begonnen. De voormalige hoofdtribune (West) staat nog overeind en dat blijft ook zo de komende jaren. Er zijn nog winkels in gevestigd. Netwerkcentrum De Klomp is sinds de sloop van de Noord-tribune verhuisd naar de bovenverdieping van de West-tribune. Het is een welzijnsorganisatie die mensen met bijvoorbeeld afstand tot de arbeidsmarkt een laagdrempelige dagbesteding en perspectief biedt. De naam De Klomp verwijst naar de bijnaam die v.v. Leeuwarden droeg. De club werd in 1917 opgericht door arme Leeuwarders, die op klompen voetbalden. De gegoede burgerij van de stad noemde de groep voetballers met dedain ‘De Klomp’. Later ging de club met trots De Klomp als geuzennaam dragen.
Ik ga bij de voormalige hoofdingang (West) van het stadion naar binnen. Wellicht kan ik via De Klomp de oude hoofdtribune betreden, zodat ik niet alleen foto’s door de hekken maak. Bij binnenkomst is het een grote chaos, onder andere als gevolg van acties van vandalen eerder in 2025. Zelfs het clublogo heeft het moeten ontgelden. Ik loop een trap op die naar De Klomp leidt. In de grote ruimte doen mensen spelletjes of kijken wat rond bij de tweedehands kleding. Er hangt een ongedwongen sfeer. Via een deur kom ik op het bordes, waar Cambuur in 2013 gehuldigd werd als kampioen van de Eerste Divisie, na een spectaculaire ontknoping op de slotdag van de competitie. Het bordes is nu het rookterras voor de mensen van De Klomp. Ik sta ter hoogte van de middenstip, met uiteraard een goed uitzicht. Aan de kant van de Oost-tribune staan alleen nog bomen overeind, zoals die eind jaren zeventig ook achter de oude onoverdekte zittribune zichtbaar waren.
Levenslang
Er komt iemand het rookterras opgelopen en we raken aan de praat. Uiteraard praten we in het Liwwadders, het Stadsfries. Een van de meest rauwe dialecten van Nederland, als je het mij vraagt. Hij vertelt me dat hij hier vrijwillig mensen begeleidt, sinds hij is afgekeurd. Van hem had het stadion mogen blijven op deze unieke plek. Er is immers ruimte zat om van de oude velden van v.v. Leeuwarden een grote parkeerplaats te maken. En je zit ook zo op de rondweg. Maar ja, na de rellen tegen Roda JC in 2009 is beslist dat het stadion hier weg moet. De situatie in de kleine straatjes rond het stadion is te onveilig voor de politie om goed te kunnen ingrijpen. En nu is bijna alles weg. De lichtmasten blijven voorlopig nog wel staan. Eerst moet al het puin eromheen weg zijn, want de kranen hebben nogal wat ruimte nodig. Wat straks rest, is een gedicht van voormalig stadsdichter Melvin van Eldik op de plek van de middenstip. En de muurschildering van v.v. Leeuwarden wordt ook gerestaureerd als ik het goed heb. In het Kooi Stadion ben ik nog niet geweest. En dat gaat er ook niet van komen. Sinds ik ben afgekeurd, kan ik niet meer tegen grote mensenmassa’s.
Er komen nog twee andere mannen het terras op gelopen om een peuk te roken. Ze hebben allebei dagbesteding bij De Klomp. Eentje vertelt dat het leven hem niet altijd heeft meegezeten. Net als ik woonde ook hij onder de rook van het stadion. Hij heeft mijn leeftijd en hij komt me nog bekend voor uit de buurt van vroeger, zeg ik. Ik hem niet. Hij vertelt me dat hij een stadionverbod voor het leven heeft, vanwege een vechtpartij. Hoewel het me sterk lijkt dat je daarvoor een levenslang stadionverbod krijgt, zit een bezoekje aan het Kooi Stadion er volgens hem ook niet in. De andere roker komt erbij staan. Met zijn vieren mijmeren we over wie de beste Cambuurspeler ooit is. Illustere namen als Carlo de Leeuw, Jaap Stam, Robert Mühren, Albert Rusnák en Sandor van der Heide passeren de revue. We komen er niet uit.


Rookpauze met uitzicht
De rookpauze van de heren zit erop en ik zie kans om via de houten bank van het rookterras op de hoofdtribune te klauteren. Zo kan ik onder andere het restant van de Zuid-tribune van dichterbij op de foto zetten. De stoeltjes zijn allemaal verwijderd, zodat de oude Zuid-tribune nog één keer de echte gedaante toont: die van staantribune. Waar de harde kern van Cambuur, de MI-Side, in het midden stond. En waarvoor een jeugdseizoenkaart in de jaren tachtig 40 gulden kostte. De duisternis valt ondertussen langzaam in en het is tijd om het Cambuurplein te verlaten.
Net als twee weken geleden eindigt mijn bezoek aan Leeuwarden in het Kooi Stadion. Cambuur wint opnieuw, ditmaal van FC Den Bosch (2-1). Het stadion is bijna uitverkocht en de sfeer is opnieuw opperbest. In de winterstop staat Cambuur op de tweede plaats, met tien punten voorsprong op De Graafschap. Stevig in het zadel voor promotie. Zou het dan toch richting stabiele middenmoter in de Eredivisie gaan?

Een verlicht Kooi Stadion op de achtergrond, een halfuur voor de wedstrijd tegen FC Den Bosch.

Inmiddels is het januari en er zijn drie tribunes gesloopt. Misschien kom ik toch nog een keertje terug, om de ontmanteling van de lichtmasten mee te maken. Net zoals in 1980, met de masten uit de jaren zestig. Dan zou de cirkel echt rond zijn.
Dit prachtige verhaal is geschreven door André Rozendaal, waarvoor dank! Lees ook Cambuur: opgroeien in een Leeuwarder volksbuurt in de jaren tachtig en Tribunestoelen halen in vervallen Cambuurstadion van zijn hand.









