Het kleine Olympische Stadion in Berlijn

Volgens mij zie je in voetbal de eigenaardigheden van een samenleving weerspiegelt. Nou, dan kun je in Berlijn wel even vooruit. Wat zijn hier bizarre voetbalgeschiedenissen bij elkaar gezet.

Zo fietste ik op bijna de langste dag van het jaar vlak achter het Berlijnse Hauptbahnhof. Aan de noordzijde van dit hoofdstation ligt  Moabit.  Een wat onbestemd gebied. Een gebied, tja, hoe zal ik het zeggen, met een rafelrandje!? Ik word daar meestal wel blij van. Daar zijn geregeld nog interessante vondsten te doen, ook op voetbalgebied.

Vanaf de Turmstraße zuidwaarts zwenkend richting het hoofdstation viel mijn oog op een midgetgolf voorziening. Zo’n eigenaardigheid die mij treft. Te midden van veel stedelijk geweld, een klein grasveldje, een houten gebouwtje, paar plastic stoeltjes, een party tent en een midgetgolf.  Een interessant ensemble. Hier werd op een ontspannen wijze sport bedreven.

Maar het werd nog beter. Pal naast de afrastering van de midgetgolf stond zo’n typisch Duits bord, met veel informatie en een enorme drang naar volledigheid en details. Poststadion stond er op dat bord. Ja, en dat zei mij wel wat. Berlijn kent natuurlijk vele stadions en voetbalvelden. Maar deze was mij wel bijgebleven  uit het prachtige boek van Werner Skrentny over Duitse voetbalstadions. Ik bedoel, je zou kunnen promoveren op het fenomeen stadion, voetbal  en Duitsland. Er is materiaal in overvloed. Maar promoveren, dat was ik nu helemaal niet van plan.

Ik liet de golfbaantjes rechts liggen en slingerde langs veldjes, parkjes, stalletjes, intuïtief in de richting van waar een stadion zou kunnen zijn. Je ruikt dat, of je vertrouwt op jarenlange ervaring in het lokaliseren van stadions. Nu stelde ik mezelf niet teleur. Scherp rechtsdraaiend zag ik plotsklaps de voorgevel, zeg maar entreegebouw, van het Poststadion. Met de daaraan verbonden tribune staat deze gevel onder bescherming van de Monumentenwet. Ach, wat wordt tegenwoordig niet beschermd? Nou ja, de gevel is aardig, stamt uit 1927 en roept enige nostalgische sentimenten op.

Op de keper beschouwd, vermoed ik, is de monumentale status vooral te danken aan het gesol, gedoe en gesleep met dit stadion. Alleen daarom al loont een bezoek aan dit stadion. Nee, je mag het veld niet op. Er lijkt nog steeds sprake van een periode van neergang,  al vallen rondom het stadion tekenen van herstel waar te nemen. En dan te bedenken dat dit één van de ‘traditionsreichsten’ stadions van Duitsland is.

Het Poststadion vond zo rondom 1927 zijn plek op een voormalig exercitieveld van het Duitse leger. Bij de officiële ingebruikname speelde de Post Sportverein Berlin tegen de toenmalige regionale kampioen Hertha BSC. Op eigen verzoek startte de Hertha BSC met een achterstand van 0-3. Uiteindelijk verloor de regionale kampioen met 3-4. Tja, hoe overmoedig kun je zijn. Hertha BSC is uiteraard later naar het Olympiastadion aan de westkant van Berlijn verhuisd. Maar Hertha BSC heeft  ook enige tijd in het Poststadion doorgebracht. Bescheiden acteerde Hertha BSC midden jaren tachtig vorige eeuw op derde divisie niveau en trok hier gemiddeld 1.794 toeschouwers per wedstrijd.

Maar van meet af aan strekten de ambities met dit stadion verder. Het Poststadion werd na het Olympiastadion geruime tijd als het tweede stadion van Berlijn beschouwd. Door ophoging van de tribunes met bouwafval kon de capaciteit uiteindelijk worden uitgebreid tot tussen de 50 en 60.000 toeschouwers.  In dit stadion moest hard aan het prestige van Duitsland worden gewerkt. Zo bezocht Hitler tijdens de Olympische Spelen in 1936 de wedstrijd Duitsland tegen Noorwegen in dit met 50.000 toeschouwers volgepakte stadion. Schielijk verdween hij toen zich een 0-2 nederlaag voor Duitsland aftekende.

Toen Berlijn zich opwierp als kandidaat-stad voor de Olympische Spelen in 2000 werd het Poststadion gepresenteerd als het kleine Olympische Stadion. Sydney kreeg echter de Spelen toegewezen en plannen voor het opknappen van het Poststadion verdwenen snel en diep in ambtelijke burelen. En zo ging het vaak. Toen Duitsland de WK voetbal in 2006 organiseerde werd geopperd dat in het Poststadion de finale kon worden gespeeld. Maar ook dit prachtige voornemen verdampte weer.

En zo is dit Poststadion, gelegen op één van de mooiste plekken in Berlijn, altijd speelbal geweest van wisselende politieke stemmingen en beslissingen. De voornemens waren groot, de daadkracht klein. Eigenlijk een treurig verhaal, hier pal achter het Hauptbahnhof, het vroegere Lehrter Bahnhof. Je vraagt je af waarom hier op deze centrale plek in de Duitse hoofdstad niet meer aandacht is besteed aan dit kleine Olympisch Stadion. Uit eigen ervaring weet ik dat het grote Olympiastadion verdraaid ver weg in het westen van Berlijn ligt. Een lange tocht. Ergens lijkt het onlogisch dat op deze centrale plek dit stadion wat ligt te verpieteren.

Maar goed, nu moet ik het doen met het Poststadion in deze staat. De SC Union06 Berlin voetbalt hier op een bijveld in een lage divisie. Hoopgevend is dat de klok op het entreegebouw, die jarenlang op 5 voor twaalf stond, nu weer de juiste tijd aangeeft. Wat een bizarre plek, wat een heerlijke omgeving, wat een opeenstapeling van gemiste kansen. Op de terugweg, langs de midgetgolf, vragen twee Cubanen me hoe vaak ze mogen missen per hole. Ik zeg dat ik dat niet weet, maar dat het volgens mij oneindig is. Misschien was ik met mijn gedachten nog bij het Poststadion.

Ook leuk om te lezen