In de actualiteit

Club Luik keert huiswaarts

1Een stamnummer is voor ons Belgen vaak van (belachelijk) groot belang. Alsof een lager getal je het recht geeft om je beter te voelen dan zij met een nummertje ergens tussen de 100 en 3493. Club Luik heeft nummer vier. Een voor de hondstrouwe aanhang van het Luikse traditionsverein heilig getal. Club Luik was er dan ook vroeg bij toen bij wat voor jullie de Zuiderburen zijn de geveterde bal begon te rollen. Nog voor de 20ste eeuw zijn intrede deed, wisten de Luikenaars drie landstitels achter hun naam te schrijven. In de vroege jaren ’50 zouden ze daar nog twee kampioenenbals aan toevoegen.

Ferenc Puskás

Die vijf titels, de laatste vierden ze in 1953, geven de stadsgenoot van het nu ietwat bekendere Standard Luik nog steeds een mythische status in België. Echter ontbreekt het Les Sang et Marine de laatste twintig jaar aan een stadion die status waardig. Racing Mechelen heeft het Oscar Van Kesbeeckstadion, Antwerpfans leven nog steeds voor een zaterdagavondje Bosuil, Berchem Sport moddert sportief wat aan in het prachtig afgetakelde Ludo Coeckstadion en Union Saint-Gilloise, winnaar van maar liefst elf landstitels, voetbalt tot nader order nog altijd in het heerlijke en door bomen omringde Joseph Mariënstadion. Plaatsen waar de tand des tijds op fenomenale wijze lelijk heeft huis gehouden. Maar, ze spelen nog steeds waar de helden van weleer de tribunes lieten vollopen. Plaatsen waar je niet om de grote clubgeschiedenis heen kan.

Stamnummer 4 had tot 1995 ook zo’n tempel. Het Stade Vélodrome de Rocourt, waar jammer genoeg geen greintje van is overgebleven, bood plaats aan zo’n 40.000 dolgedraaide Luikenaars. In 1960 daagden er zelfs 50.000 toeschouwers op voor een clash met de Spaanse Koninklijke van toenmalig topspits Ferenc Puskás. Het stadion, waar ook wielergeschiedenis geschreven werd, zag in 1995, samen met zijn trouwe bespeler, de ondergang tegemoet. Terwijl Club Luik bankroet ging en een officieuze fusie met streekgenoot Tilleur zich opdrong, ging het Stade de Roccourt tegen de vlakte. Wanneer u dit leest kijken enkele honderden filmliefhebbers op de locatie waar het fiere Club Luik haar grootste successen beleefde naar de nieuwste rolprent met Brad Pitt of Cameron Diaz. Enkel een gedenksteen herinnert de Kinepolis-gangers nog aan wat ooit een fenomenale ground was.

“Nou, nou”

Een club kan niet zonder stadion, zo ook Club Luik niet. Gelukkig biedt de omgeving rond De Vurige Stede heel wat mooie alternatieven voor een tempelloze voetbalvereniging. Na het vertrek uit Stade de Rocourt vonden Les Sang et Marine, een Franstalige verwijzing naar de rood-blauwe clubkleuren, onderdak bij Standard Luik, KAS Eupen, Tilleur Luik, RCS Verviers, Ans en Seraing. Stuk voor stuk, en de ene al wat meer dan de andere, stadionpareltjes. Enkel in Ans, een kleine gemeente in de provincie Luik, speelde de vroegere landskampioen in een complex(je) waar zelfs bescheiden caféploegen “Nou, nou” van zouden stamelen. Daar Club Luik nog steeds op een aanhang van enkele duizenden fans kan rekenen, drong een verhuis zich snel op.

In het Stade du Pairay, van voormalig eersteklasser Seraing, vonden de Luikenaars terug de weg naar een staantribune zoals die hoort te zijn: net iets te groot voor het aanwezige publiek, maar wel klein en vervallen genoeg om een sfeertje om U tegen te zeggen op de mat te leggen. Maar, there ain’t no place like home. Zo ook voor Club Luik.

stade

Ook al ligt de vroegere thuishaven al een hele poos tegen de vlakte, de Luikse club bleef hunkeren naar een terugkeer naar de heimat. Nu, twintig jaar na het laatste doelpunt op hun legendarische grasmat, maakt stamnummer 4 opnieuw de trip naar waar het thuishoort. Je kan de klok niet terugdraaien, en het Stade Vélodrome de Rocourt zal voor altijd voltooid verleden tijd zijn. Maar, de aankondiging eerder deze week dat de club een nieuw, en tevens veel bescheidener dan het vroegere, stadion zal bouwen net naast waar het vroeger de groten der aarde het vuur aan de schenen legde, maakte best wat los bij voetbalcultuurminnend België. Als alles goed is spelen de Luikenaars, die momenteel op kop staan in de vierde klasse D en zo de poort naar derde openbeuken, opnieuw op wat voor hen heilige grond is.

Het nieuwe stadion, dat ook de jeugdwerking onderdak zal verlenen, moet plaats bieden aan zo’n 2500 ongetwijfeld enthousiaste aanhangers. Tot het bouwproject, dat nog niet startte, is afgerond, mag de traditieclub in het Stade du Pairay van Seraing blijven spelen.

De nieuwe collectie van PGWEAR is vanaf nu verkrijgbaar op PGWEAR.nl, de officiële webshop van het merk in Nederland. Alle bestellingen binnen Nederland en België worden vanaf 50 euro gratis verzonden!

Jan Bartosik
Over de schrijver

"Als vurig Berchem Sport-aanhanger, zweert Jan bij met mos overwoekerde staanplaatsen en bouwvallige zittribunes. Wie de Champions League wint is van ondergeschikt belang als Club Luik naar Tilleur moet of wanneer Racing Mechelen maar weer eens bijna failliet lijkt te gaan. Oldskool Football boven alles."
    Ook leuk om te lezen...
    In de actualiteit

    Uit het oog, maar nooit uit het hart...