In gesprek met

In gesprek met: Mailson Lima

Mailson Lima Duarte Lopes met beker
In de Hekken Shop

Net voordat Mailson Lima kampioen werd met FC Ararat uit Armenië spraken wij met hem over zijn seizoen, de supporterscultuur bij zijn huidige club, het leven en wonen in Armenië en zijn avonturen in de Europa League.

Hey, Mailson Lima. Hoe was jouw seizoen bij FC Ararat in Armenië?
“Voor mij en de club is het tot nu toe goed verlopen. Ik heb in 33 wedstrijden 11 goals en 9 assists. In zowel de competitie als in de Europa Leaguekwalificatie was ik belangrijk. In het begin van het seizoen maakte ik het winnende doelpunt in het duel om de Supercup, we staan bovenaan in de competitie en gisteren hebben we helaas de bekerfinale verloren. Helaas liepen we op een haar na de groepsfase van de Europa League mis.

In de finale van de kwalificatie speelden we tegen Dudelange. Thuis wonnen we met 2-1 door een goal en een assist van mij. Uit bij hen kwamen wij zelfs nog met 1-0 voor. Helaas uiteindelijk verloren via penalty’s.

De laatste wedstrijd van het seizoen vond plaats op de 14e (14 juli 2020) en daarna hadden we een weekje vrij en de competitie begint dan in de eerste of tweede week van augustus. Dus dit jaar is het een beetje vervelend, omdat je bijna geen vakantie hebt om jezelf weer op te laden. Maar ik kijk wel uit naar de wedstrijden in de Champions League en de Europa League.”

Gisteren heb ik je goal nog opgezocht tegen Dudelange. Wat een heerlijke snoekduik zeg!
“Ik dacht toen echt van: ik moet voor die back komen, want die bal gaat komen. Het doelpunt was mooi, maar ik vond hoe het publiek het vierde het mooiste. Die gingen helemaal los. Nog nooit is een Armeense ploeg in de Europa League gekomen en we waren zo dichtbij. De mensen waren zo trots op ons!

Het stadion was gevuld met alle supporters van de clubs uit de competitie, die kwamen ons steunen. Als alleen onze fan base in het stadion zou zitten, dan zat er, denk ik, ongeveer 800 man in het stadion. Nu zaten er 14 á 15 duizend mensen.”

Hoe is het leven als voetballer in Armenië en moest je aan bepaalde dingen wennen in het begin?
“Op zich kon ik me snel aanpassen. Dat kwam doordat de mensen heel gastvrij en behulpzaam zijn. Ik heb een mooi appartement en ik zit hier met mijn vriendin. Dat maakt het ook makkelijker.

Het is wel erg relaxed wonen hier. Het land is erg mooi, veel bergen. Je hebt veel restaurantjes bij mij in de buurt en mooie plekjes waar je kan zitten. Het is een mooie oude stad waar veel gerenoveerd wordt op dit moment. Ik denk dat als ik over 10 jaar hier terugkom, ik de stad niet meer herken. Zoveel wordt er gebouwd.

Het is niet dat ik in Engeland voetbal en dat honderden fans elke dag voor mijn deur staan. Maar tijdens de Europa League werd ik wel herkend en mensen wilden met mij op de foto.”

Wel fijn dat je niet in je eentje het avontuur bent aangegaan, maar dat je vriendin ook mee is.
“Zeker weten, man. Toen ik in Roemenië ging spelen, ging ze ook mee en nu naar Armenië is ze me ook gevolgd. Het bevalt goed. Ik vind het zelf ook echt fijner dat we hier samen zitten, in plaats van alleen. Je hebt altijd iemand om mee te praten en de steun van je vrouw en familie vind ik belangrijk.”

Heb je eigenlijk veel last gehad van Corona?
“Hier is rond 20 maart alles gestopt. Hier was het een stuk strenger dan in Nederland. Ik mocht alleen naar de supermarkt en hardlopen in het park. Dat duurde zo’n anderhalve maand, dus dat was wel zwaar.”

Dan is het wel extra fijn dat je met je vriendin daar zit.
“Haha, jazeker. Anders was ik wel gek geworden. Daar zijn we wel samen doorheen gekomen. Ze was ook erg blij dat ik na een tijd weer kon trainen. Jammer genoeg mag ze niet bij de wedstrijden zijn, omdat er geen publiek naar binnen mag. Voor de laatste wedstrijd van het seizoen willen ze dat misschien veranderen, alleen voor spelersvrouwen en de kinderen. De spelers doen het op het veld, maar de vrouwen zijn daar omheen ook belangrijk.”

Voor haar is het natuurlijk ook een flinke stap geweest om jou eerst naar Roemenië en daarna naar Armenië te volgen?
“Zeker, ze heeft alles achtergelaten in Nederland en daar heb ik alleen maar respect voor. Daarom wil ik het kampioenschap ook met haar vieren.”

Die moet je houden dus, hahaha.
“Hahaha, zeker weten, sowieso! Die zit hier aan een ketting vast, die komt niet meer los.”

Hoe zien je vrije dagen er zoal uit?
“Nu spelen we om de drie dagen, dus rust ik vooral. Maar normaal gesproken, train ik één keer per dag en daarna doe ik lekker relaxed. Ik ben nu 26 en tuurlijk wil ik ook stappen maken, maar als ik hier tot en met mijn 32e zit dan wil ik, ondanks dat je hier goed geld kan verdienen, aan iets gaan werken voor na mijn carrière. Of het nu een trainingscursus is, een opleiding of een eigen bedrijf. Daar wil ik langzamerhand aan beginnen.”

Hoe wordt voetbal beleefd door de mensen in Armenië?
“Er zit maximaal 300 man op de tribune tijdens een normale wedstrijd. Als we Europa League of Champions League spelen, is het contrast zo groot. Dan zitten er 15.000 mensen. Ik denk dat het beetje een volk is dat komt met succes. Hoe verder wij in bijvoorbeeld de Europa League zijn, hoe meer mensen er tijdens een competitiewedstrijd in het stadion zitten.

Niet alleen onze club, maar alle andere clubs zijn denk ik heel belangrijk voor de toekomst van de supporters. Vroeger werd het anders beleefd dan nu. Toen zaten er veel mensen op de tribune.” 

Hoe is je band met de supporters van Ararat?
“Mijn band is echt goed met de supporters. Ik hoor vaak van mijn Armeense teamgenoten dat ik erg geliefd ben.” 

Hoe was het om dit seizoen te voetballen in zowel de Champions League als de Europa League?
“Het gaf een ander gevoel dan een normale competitiewedstrijd. Het is niet te beschrijven. Je meet je ook aan spelers en clubs van een ander kaliber. Toen ik dus goed speelde, doelpunten maakte en assists gaf, was dat voor mij een bevestiging dat ik nog een paar stapjes omhoog kan.

De entourage eromheen is ook gaaf. Toen we bijvoorbeeld in Georgië speelden, was het stadion goed gevuld en in Zweden ook. Gewoon een ander gevoel, man.”

Ga je daar beter van voetballen, als het stadion vol(ler) zit?
“Daar had ik het toevallig laatst over met een teamgenoot. Veel jongens voelen dan spanning en soms is die spanning niet goed voor hen. Voor mij persoonlijk is die spanning juist fijn. Het geeft je juist een boost om nog meer te geven. Voor mij werkt het alleen positief.

Sommige mensen krijgen daar juist knikkende knieën van, maar ik denk juist: dit is het moment dat ik mezelf kan laten zien. Ik doe ook alles met een lach op mijn gezicht in plaats van bang te zijn voor de situatie.

Weet je wat het is? Als ik speel, dan stel ik altijd voor dat ik met mijn vrienden in de Schilderswijk in Den Haag aan het voetballen ben op het pleintje. Dan heb ik ook geen druk en vind ik het alleen maar leuk. Vroeger voelde ik meer druk als ik op het pleintje speelde en het druk was. Dat komt denk ik omdat je al die mensen kent, dat je meer druk voelt. Toen we hier in Yerevan voor 15.000 man speelden, voelde ik niet zoveel druk. Je hoort het wel, maar je krijgt het niet echt mee. Pas toen ik scoorde en al die mensen zag juichen, besefte ik pas wat voor druk erop staat.”

In Roemenië speelde je voor Viitorul. Hoe heb je daar de supporters ervaren?
“We hadden een stadion waar ongeveer 4.000 man in kon en die was over het algemeen wel redelijk vol. Vooral de grote wedstrijden, bijvoorbeeld tegen Steaua Boekarest en Cluj. Daar zijn de supporters ook wel fanatiek. Dat was wel een leuke ervaring.”

In mijn interview met Randell Harrevelt vertelde hij mij dat hij een mindere ervaring had. Dat had te maken met racisme vanuit de spelersgroep en zelfs de directeur.
“O, echt? Het is een leuke ervaring geweest om daar te voetballen, maar ik heb het zelf niet supermakkelijk gehad. Ik kwam daar bij Viitorul, de club van George Hagi en die was tevens trainer. Het is echt zijn club en hij bepaalt alles. Ik kwam daar als buitenspeler en op het trainingskamp ging het goed en ik scoorde ook.

Tijdens de eerste competitiewedstrijd gaf ik nog assist. Daarna is het voor mij tot de zomer bergafwaarts gegaan, omdat Hagi mij niet meer in de basis zette en ik rechtsback moest spelen. Ik heb toen zelfs nog als rechtsback in de Europa League gespeeld, tegen Racing Luxembourg en Vitesse. Toen was Bryan Linssen nog mijn directe tegenstander.

Ik heb in dat seizoen ook een periode gehad waar ik anderhalve maand niet speelde. Toen kwam de club naar me toe om te vertellen dat ik transfervrij weg mocht. Toen kwam Armenië en heb ik die kans met beide handen aangepakt. Ik wilde gewoon weer spelen, het plezier weer terugkrijgen en mezelf in de picture spelen. Uiteindelijk is dat goed gelukt. Hopelijk kan ik na de zomer of na de competitie een mooie stap maken.

In elk land zijn er teamgenoten waarmee je minder hebt. Overal heb je leuke en minder leuke teamgenoten en als je presteert, heb je ook een heel ander gevoel van een land, club en teamgenoten.”

Al enig idee in welk land of in welke competitie jouw toekomst ligt?
“Het maakt mij eigenlijk niet zo heel veel uit. Tuurlijk, iedereen wilt in Spanje, Engeland en Duitsland voetballen, maar dan moeten die landen ook komen, weet je. Als ze komen, zou dat leuk zijn, maar als ik voor een aardig bedrag bij een minder grote club kan spelen die wel altijd betaalt, zeg ik daar ook geen nee tegen. Ik hou al mijn opties open. Voor mij is het gewoon belangrijk dat ik gewaardeerd wordt door de club waar ik zit en dat ze altijd op tijd betalen.

Ik kan bijvoorbeeld naar een grote club gaan als Rode Ster, maar dan weet je niet of je elke maand betaald wordt. Dan kan je beter in de zandbak zitten waar je wel altijd betaald wordt. Tuurlijk, ik heb ook nog dromen en doelen. Zoals in de groepsfase van de Champions League of in de Europa League spelen. De puzzelstukjes moeten dan wel goed in elkaar vallen.”

Dan hoop ik voor je dat je een mooie club kan vinden, een nieuw avontuur.
“Dat hoop ik ook. Ik vind het namelijk wel fijn om in het buitenland te voetballen. Je leert andere culturen en mensen kennen. Tuurlijk kan het wel eens botsen, maar je leert er vooral van.

Als ik 10 jaar in Nederland in de Eredivisie had gevoetbald, was dat ook niet slecht geweest voor mij. Maar nu leer ik zoveel meer. Heel veel dingen zijn anders in het buitenland.”

In Nederland begon je in de jeugd van ADO Den Haag en daarna kwam je uit voor Fortuna Sittard en FC Dordrecht. Waar heb je de mooiste tijd gehad?
“Zo, lastige vraag, man. Bij Fortuna ga ik niet zeggen dat ik een mooie tijd heb gehad, want na de 3e training scheurde ik mijn kruisband af. Dus dat was een jaar lang revalideren. Maar bij de jeugd van ADO heb ik het leuk gehad. We hadden een leuke, talentvolle groep.

Ik maakte toen de overstap naar FC Dordrecht en ik trainde veel met het eerste mee. We speelden toen in de Eredivisie en Ernie Brandts was de trainer. Hij vertelde mij in de winterstop dat ik de tweede seizoenshelft ging spelen in de Eredivisie. Alleen werd hij direct na de winterstop ontslagen en toen was het klaar voor mij. In mijn tweede periode had ik een geweldige groep en was ik topscorer, voordat ik de stap naar Roemenië maakte.”

Van FC Dordrecht maakte je de overstap naar FC Viitorul in Roemenië. Hoe kwam dat eigenlijk tot stand?
“Ik speelde een wedstrijd tegen Jong Ajax en in mijn team speelde een Roemeense jongen, Andreias Calcan. Zijn zaakwaarnemer vond dat ik opviel en zodoende ging het balletje rollen. Toen moest ik heel snel beslissen en ik dacht misschien komt die kans maar één keer.” 

Zo apart om te horen dat je zo’n grote beslissing zo snel moet nemen.
“Ik heb toen snel overlegd met mijn ouders en met mijn broertjes erover gesproken. Zij vonden ook dat ik die kans moest pakken. Ik probeer altijd wel de mening van andere mensen te verzamelen en dan maak ik zelf de beste beslissing.”

Wat is de meeste bijzondere wedstrijd die je hebt gespeeld?
“Ik kan niet specifiek één wedstrijd noemen. Eén van de belangrijkste was voor mij de thuiswedstrijd dit seizoen tegen Dudelange, toen ik die goal maakte. Dat gaf een speciaal gevoel, omdat 15.000 man los ging.

In Roemenië was de uitwedstrijd tegen Cluj heel gaaf. Het stadion zat vol en Cluj werd toen kampioen. Die supporters waren zo fanatiek en na het fluitsignaal kwamen ze het veld op. Dus dat was wel bijzonder om mee te maken.

Mijn debuutwedstrijd voor Kaapverdië tegen Algerije was ook heel mooi. Ik speelde toen tegen Mahrez. Het was gaaf om jezelf met zulke gasten te meten. Dat gaf echt een trots gevoel.”

Mailson Lima Duarte Lopes in actie voor FC Ararat

In de Hekken Shop
In de Hekken Shop
Sander Wesdijk
Over de schrijver

Mijn naam is Sander Wesdijk en ik heb een passie voor voetbal, reizen en fotografie. In het weekend volg ik meestal mijn club Excelsior achterna, maar ik ben ook vaak bij een obscure wedstrijd te vinden in bijvoorbeeld Polen of Israël. Tijdens wedstrijden vind ik het schitterend om de emoties van de supporters vast te leggen met mijn camera. Deze foto's wil ik graag met jullie delen!
Ook leuk om te lezen...
In de actualiteitIn gesprek met

In gesprek met: André Krul

Dossier BalkanIn de actualiteitOost-EuropaVoetbal ultras & supporters

CSKA Moskou - Sterkste tegenstander Feyenoord

In de actualiteitIn gesprek met

In gesprek met Matthew Steenvoorden

In de actualiteitIn gesprek met

In gesprek met: Erol Alkan