Voor Paraguay speelde Édgar Barreto (Asuncion, 15 juli 1984) 60 interlands als onderdeel van de gouden generatie van het land. Hij vertegenwoordigde de kleuren van zijn land op de Olympische Spelen, de Copa América en het WK. In Italië speelde hij de mooiste derby’s namens Sampdoria en Palermo. Maar zijn hart heeft hij verpand aan NEC en Nijmegen, de stad en club waar hij na 13 jaar afwezigheid terugkeerde. Genoeg reden dus om eens om tafel te gaan met Édgar en met hem terug te blikken op zijn imposante carrière. 

Passie en Wilskracht

Na een jaartje bij de amateurs van Fernando de la Mora mocht ik gaan spelen in de jeugd van Cerro Porteno. Die club is een van de grootste van Paraguay. Als jonge jongen was ik al supporter van Cerro Porteno. Dat ik die kleuren mocht verdedigen was voor mij heel speciaal. De derby tegen Olimpia (de Paraguayaanse Superclásico, red.) was een hele mooie start van mijn carrière haha. Het voetbal wordt in Paraguay met veel passie beleefd, zoals in heel Zuid-Amerika gewoon is. Als de dingen niet gaan zoals gewenst, dan heb je als speler een probleem. Dan komen de supporters naar de training en eisen resultaten. Die passie en wilskracht zit in het bloed van de Zuid-Amerikanen.

Passie en wilskracht zijn ook de bouwstenen voor mijn eigen carrière geweest. Dat is een voorwaarde om te slagen als voetballer. Je moet honger hebben. Ik heb zoveel spelers gezien met heel veel talent, maar zonder mentaliteit. Zonder die overtuiging om alles te geven. Het belangrijkste ingrediënt is karakter. Dat heb je of dat heb je niet. Mijn zoon van 14 wil ook voetballer worden en dat probeer ik ook aan hem mee te geven. Je kan technisch nog zo goed zijn, maar om boven de rest uit te stijgen heb je trots en doorzettingsvermogen nodig.

Geschiedenis geschreven

De kleuren van mijn land verdedigen is het mooiste wat er is. Ik ben heel gelukkig dat ik dat zo vaak heb mogen doen. Wij hadden echt een hele goede generatie. Met de onder 23 heb ik in 2004 zilver gewonnen op de Olympische Spelen van Athene. Op het WK 2010 in Zuid-Afrika hebben wij de kwartfinale gehaald en toen pas verloren van Spanje, de latere kampioen. Dat was nog nooit eerder voorgekomen in Paraguay. Wij hebben toen geschiedenis geschreven. Later hebben we ook nog de finale van de Copa America gehaald. Dat zijn absolute hoogtepunten voor mij. Het heeft wel een impact gehad op toekomstige generaties. Onze generatie heeft de lat heel hoog gelegd. Sinds 2010 hebben we nooit meer op een WK gespeeld. Ik hoop echt dat dat met de nieuwe generatie weer eens gaat lukken.

In 2004 ben ik als 19-jarige jongen naar NEC gekomen. Dat cultuurverschil was enorm. Alles is hier anders. Het taal en het weer waren het lastigst. In het begin had ik veel heimwee. Ik miste mijn familie, mijn vrienden en mijn land. Dat was heel moeilijk. Maar om te slagen moest ik sterk blijven. Ik moest Paraguay loslaten en een nieuw leven beginnen. Na een jaar ging het beter en uiteindelijk heb ik alleen maar hoogtepunten gehad. De doelpunten tegen Feyenoord en Sparta en de vrije trap tegen NAC staan nog op mijn netvlies. En natuurlijk het juichen met Rutger Worm tijdens de derby van 2006 (1-0 voor NEC, red.) toen ik in de laatste minuut een penalty won bij 0-0. Als speler merk je wel hoe belangrijk NEC-Vitesse is en wat de consequenties zijn als je niet wint.

De derby’s van Italië

Daarna heb ik 13 jaar in Italië gespeeld. Elke club had iets speciaals, maar bij Sampdoria heb ik een geweldige ervaring gehad. Daar was mijn band met de supporters echt mooi. Zij hadden veel respect voor de spelers. Ze zagen ook dat ik hard werkte en altijd mijn best deed voor de ploeg. Dat waardeerden ze. De sfeer op de tribunes was spectaculair. Dat komt ook omdat het stadion van Sampdoria fantastisch is. In tegenstelling tot de meeste Italiaanse stadions staan de tribunes dicht op het veld. De supporters staan daardoor heel dichtbij de spelers.

De derby tegen Genoa was de meest indrukwekkende in mijn carrière. De mozaïeken, de choreo’s, het vuurwerk, de vlaggen, alles. Supporters beginnen maanden van tevoren met het voorbereiden van die wedstrijd. Dat is ongelooflijk. En wanneer de wedstrijd gespeeld wordt… Dat is iets unieks. De sfeer die dan in het stadion hangt. Maar het is wel een gezonde rivaliteit. Het is een derby, maar met meer vreugde dan ruzie. Liefde voor de eigen club in plaats van haat tegen de ander. Dat kennen we hier in Nederland niet zo. Tussen de ultras ligt dat anders, maar ‘gewone’ supporters kunnen over het algemeen gewoon samen naar de wedstrijd kijken in het stadion. In het centrum kan je een scooter voorbij zien rijden waarbij de bestuurder een shirt van Sampdoria draagt en de bijrijder een shirt van Genoa.

Dat hoef je op Sicilië trouwens niet te verwachten. Daar speelde ik met Palermo de derby di Sicilia tegen Catania. Die rivaliteit is niet normaal. Dat is een echte vechtderby, gevaarlijk gewoon. Vechtpartijen op de tribune of buiten het stadion zijn dan toch minder leuk. De strijd moet op het veld plaatsvinden, dan moet je willen winnen en daarna moet het klaar zijn. Maar tijdens dat soort derby’s voel je de atmosfeer en de druk op het veld. Ik vind dat zonder twijfel de mooiste wedstrijden om te spelen. Supporters in Italië lijken qua passies sowieso op Zuid-Amerikanen. Met ook veel gezinnen en vrouwen op de tribunes.

De onmogelijke terugkeer

Altijd als ik tijdens die periode een paar dagen vrij was kwam ik naar Nijmegen. Elke vakantie ging ik met mijn gezin de eerste week of twee weken naar Nederland. Nijmegen voelt als thuiskomen. In het begin dacht ik eigenlijk niet dat het mogelijk was om terug te keren bij NEC. De club was in eerste instantie niet echt enthousiast. Ik begreep de club ook wel. Ik had een tijdje weinig gespeeld, was 36 jaar. Muslu (Nalbantoğlu; teammanager en voormalig ploeggenoot, red.) is heel belangrijk geweest in mijn terugkeer door constant te laten weten hoe graag ik wilde komen. Toen deed de mogelijkheid zich eindelijk voor. Het financiële plaatje heb ik opzij gezet. Bij andere clubs in Italië had ik per maand kunnen verdienen wat ik hier per jaar verdien. Dat heb ik niet gedaan omdat ik hier wilde voetballen en mijn carrière bij NEC wilde afsluiten.

Dat mijn terugkeer zoveel teweeg zou brengen bij de supporters had ik niet verwacht. Dat ze met vuurwerk voor mijn huis stonden vond ik heel mooi. Vooral ook omdat mijn kinderen het konden meemaken. De ontvangst heeft me alleen maar meer vastberaden gemaakt om alles te geven voor de club. Toegezongen worden door de supporters is iets moois, dat geeft voldoening. Hun aanwezigheid geeft extra motivatie om door te gaan. Daarom is het treurig dat ze er tijdens het afgelopen seizoen niet bij waren. Zoals in Nederland voetbal wordt beleefd vind ik heel mooi. Supporters volgen de club op de voet en beleven het spel als een feest.

Bron: Legio Noviomagum

Het promotiefeest

Ik heb het hele seizoen geloofd in de kwaliteit van het team. Jong, maar vol met kwaliteit. Tijdens het seizoen heb ik ook een goede band buiten het veld opgebouwd met die jonge spelers zoals Souffian (El Karouani, red.), Cas (Odenthal, red.) en Ayman (Sellouf, red.). Iedereen wist hoe belangrijk promotie zou zijn voor de club en de supporters. Ondanks dat we het minst favoriet waren van alle ploegen hebben we het toch maar mooi geflikt. De massale steun van de supporters tijdens die weken heeft wel echt meegeholpen. Het feest was ongelooflijk en mooi. Na zoveel jaar eindelijk weer Eredivisie. Persoonlijk was het fantastisch daar aan bij te dragen. Na Palermo en Atalanta was het mijn derde keer.

Ik heb nu al zin om volgend seizoen te strijden voor handhaving. Pas als ik niks meer kan bijdragen stop ik er mee. Ik wil NEC niet tot last zijn. In Italië heb ik een trainerscursus gevolgd, maar een echt plan heb ik nog niet. Trainer van NEC worden? Haha, wie weet. Voetbal is natuurlijk een groot deel van mijn leven, maar ik ben niet bang voor het stoppen met voetbal. Ik heb een omgeving die mij steunt. Vrienden, mijn vrouw en ook mijn kinderen. Dat is het allerbelangrijkste in het leven.

Lars Smit
Geboren in 1996 en een leven lang verliefd op NEC en voetbal in het algemeen. Helemaal gek van groundhoppen, vergane glorie en amateurvoetbal. Actief als zeer matige spits in de reserve vijfde klasse.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.