Het is 25 graden. De mezé smaakt heerlijk. Het gezelschap is ontspannen. De huisgemaakte wijn promoveert de lunch tot een culinair festijn. Zelden voelde me ik zó gast als in de hoofdstad van Cyprus. Een paar uur later aanschouw ik met open mond hoe legio fakkels door de lucht zwaaien en ontketende fans tot boven in de ballenvangers klimmen.

The Eternal Derby of Cyprus. Al maanden verheugde ik me op de clash tussen de twee grootste clubs van het land. Ik was benieuwd naar de sfeer tijdens de wedstrijd en de achtergronden van de rivaliteit tussen APOEL en Omonia Nicosia. Die blijkt veel dieper geworteld dan enkel de wedijver tussen twee stadsgenoten. Voetbal en politiek zijn in de Cypriotische samenleving onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Sinds de val van de Berlijnse Muur is Nicosia de laatste verdeelde hoofdstad ter wereld. In 1974 viel het Turkse leger Cyprus binnen. Tot op de dag van vandaag bezetten ze het noordelijke deel van het eiland en het noordelijke deel van hoofdstad Nicosia. De demarcatielijn loopt midden door het monumentale centrum van de stad en wordt dag en nacht bewaakt door VN-soldaten.

Nicosia (Lefkosia in het Grieks) behoort niettemin tot de veiligste hoofdsteden ter wereld. Nergens in Europa ligt het criminaliteitscijfer zo laag. Er hangt dan ook een ongedwongen sfeer. De oude stad heeft toeristen bovendien veel te bieden. Naast levendige winkelstraten, aantrekkelijke terrassen en historische gebouwen bevinden zich veel interessante musea binnen de Venetiaanse vestingmuren. In de gezellige tavernas kan je tot in de kleine uurtjes genieten van ‘live’ bouzouki-muziek en een overdadige maaltijd.

In de oude stad betrek in een kamer in het comfortabele hotel Classic. Hier heb ik afgesproken met mijn gids Soteris. Hij zal me rondleiden door de hoofdstad en me alles vertellen over de Cypriotische voetbalcultuur. Soteris (46) speelde ooit als semiprof in de tweede divisie en was daarin naar eigen zeggen topscorer. ‘They called me Van Basten,’ zegt hij. Later blijkt dat hij die bijnaam voornamelijk te danken had aan zijn uiterlijk. Naast kenner van het Cypriotische voetbal is Soteris vooral hartstochtelijk Omonia-fan.

APOEL en Omonia zijn de recordkampioenen van Cyprus. APOEL werd 23 keer landskampioen, Omonia twintigmaal. APOEL (Atletische Voetbalclub van de Hellenen uit Nicosia) werd in 1926 opgericht.

‘In 1948 ontstond er binnen de gelederen een conflict vanwege de houding van de club jegens de Griekse Burgeroorlog,’ zegt Soteris. ‘Veel spelers sloten zich aan bij de rechtse Griekse regering in hun gewapende strijd tegen de linkse rebellen. Zij wensten aansluiting van Cyprus bij Griekenland. In die tijd was ons land nog onderdeel van het Engelse Koninkrijk.’ De communistische leden verlieten het nationalistische APOEL en richtten Omonia (Eendracht) op. ‘Zij streefden een onafhankelijk Cyprus na.’

Volgens mijn gids wapperen de fans van APOEL daarom altijd met Griekse vlaggen. ‘Ze schelden ons uit, omdat we niet voor aansluiting zijn.’ APOEL en Omonia groeien uit tot de grootste clubs van het land en worden toonbeeld voor de politieke verhoudingen.

‘Je bent op Cyprus niet voor de club uit je stad of woonwijk,’ stelt Soteris. ‘Je bent hier voor de club van je politieke voorkeur. Daarom hebben beide clubs ook veel aanhangers buiten de hoofdstad en heet de twist tussen beide teams niet alleen de Derby van Nicosia, maar ook de Derby van Cyprus.’

Volgens Soteris gaat de verwevenheid van voetbal en politiek nog verder. ‘Als het goed gaat met APOEL, gaat het goed met de rechtse partij. Andersom werkt dat net zo. Daarom steunen ze elkaar openlijk.’ Sinds het schisma van 1948 is de Derby van Cyprus dan ook een heetgebakerde toestand waarbij de vlam geregeld in de pan vliegt. ‘De rivaliteit zit diepgeworteld. Er staat veel meer op het spel dan alleen de uitslag van de wedstrijd. Hier raakt het voetbal de eigen principes.’

We brengen een bezoek aan APOEL en spreken met de marketingmanager. ‘We spelen aantrekkelijk voetbal, staan bovenaan in de competitie en hebben na tien wedstrijden een doelsaldo van +36,’ zegt hij trots. ‘Financieel zijn we gezond. We zijn beursgenoteerd. De begroting bedraagt vijftien miljoen euro. Helaas hebben we de groepsfase van de Champions League niet bereikt. Dat had ons acht miljoen euro opgeleverd.’ Als dank voor onze komst krijgen we het 400 pagina dikke jubileumboek mee.

We rijden naar de GATE 9 Fanclub van Omonia, dat is gevestigd in een groen geverfd pand in een arbeidersbuurt. Keiharde Underground-muziek komt ons tegemoet als we uit de auto stappen. Alternatieve jongelui zijn bezig met hun voorbereidingen op de wedstrijd. De binnenmuren zijn behangen met Ché Guevarra-vlaggen, hamers en sikkels, Sankt Pauli-stickers en andere links gelieerde uitingen. Hoewel een deel van de groep ons argwanend bekijkt, worden we vriendelijk bejegend.

‘We zijn de populairste club van het land,’ zegt de Ultra-leider. ‘Hoewel APOEL vorig jaar kampioen werd en wij slechts vierde, hadden wij de hoogste toeschouwersaantallen.’ Tijdens de bankencrisis in 2012 geraakt Omonia bijna in een faillissement. ‘In het hele land werd geld ingezameld. Bejaarden schonken een deel van hun pensioen. Kinderen leverden hun spaarpotten in.’ In twee weken tijd werd anderhalf miljoen euro opgehaald. ‘Toen gingen de Bank of Cyprus failliet. Anders hadden we het dubbele gehaald.’

Sinds die tijd is het overleven voor Omonia. De begroting is dit seizoen op drie miljoen euro gesteld. Dat is één vijfde van die van APOEL. ‘Door het Europese systeem van de Champions League-gelden zal dit verschil alleen maar oplopen,’ stelt de ultra-voorman. ‘Maar wij houden van groen-wit. Of we nu bovenaan staan of laatste.’ Het doet hem pijn dat zijn club al na negen wedstrijden tien punten achter staat op de grote rivaal. ‘Het wordt een zware dobber vanavond.’

Na een uitbundige maaltijd rijden we naar Soteris’ beste vriend, Alkis. Hij speelde in de jaren tachtig zelf voor Omonia. ‘Daarom heb ik een entreekaart voor het leven,’ zegt Alkis. ‘Die krijgen alle oud-spelers bij de club.’ Alkis studeerde in Amerika en werd salesmanager bij een investeringsmaatschappij. ‘Door de crisis raakte ik werkloos. Mijn vrouw ging bij me weg. Ik kijk de hele week uit naar de wedstrijd. Omonia is alles wat ik nog heb.’

APOEL en Omonia spelen hun competitiewedstrijden om en om in het nationale stadion van Cyprus, dat is gelegen op acht kilometer van het stadshart. Het GSP Stadium is de opvolger van cultstadion Makario en doet dienst sinds 1999. Anderhalf uur voor de aftrap parkeren we op een braakliggend terrein naast de toegangsweg. Het is pikkedonker. De fans staan luid toeterend in de file en uit de auto’s galmt opzwepende voetbalmuziek. In de raamportalen zitten fans. Hier en daar zwaaien fakkels door de lucht.

Als we uit de kakofonie van toeterende auto’s zijn, is het oppassen dat je niet omver wordt gereden door voorbij scheurende scooters. De beide vrienden passen goed op me, en uiteindelijk halen we zonder kleerscheuren de ingang. Alkis neemt afscheid; hij heeft een plaats op de hoofdtribune. Soteris en ik begeven ons naar de lange zijde. Terwijl we naar de ‘gate’ lopen zien we hoe jongelui vuurwerk naar binnen smokkelen. Met aan elkaar geknoopte fansjaals hijsen ze tassen vol fakkels naar boven.

Wij hebben prachtige plaatsen op rij 10. De tribunes achter de goals kleuren respectievelijk oranje en groen. Omdat Omonia thuis speelt mogen er op onze tribune alleen maar ‘groenen’ plaats nemen. Het valt op hoeveel jonge meiden er tussen zitten. Maar ik spot ook ouderen en kinderen. De ontblootte Omonia-fans van Gate 9 staan al te zingen. De spelers van APOEL komen het veld op voor de warming-up. Zij worden getrakteerd op een hels fluitconcert. Het belooft een heet avondje te worden in Nicosia.

De omroepinstallatie is klaarblijkelijk niet in gebruik. Er worden geen opstellingen omgeroepen en ook hoor ik geen reclame of muziek. Tijdens de spelersopkomst zingen de fans uit volle borst het clublied van Omonia. Het bezorgt me kippenvel op de armen. Op alle tribunes wordt pyro ontstoken. Mijn avond kan niet meer stuk. Zonder capo of trommels zingen de ultras vervolgens negentig minuten aan één stuk door.

Amper bekomen van alle indrukken, vliegt de eerste bal er ook al in. APOEL-doelman Boy Waterman krijgt een hard schot van de Renato Margaca niet onder controle, waarna hij in de rebound kansloos is. Het GSP Stadion ontploft. Soteris springt mij om de nek. Weer zwaait het vuurwerk over de tribunes. Maar de ontketende Omonia-aanhang wil meer. Gepassioneerd schreeuwen ze hun ploeg naar voren.

Sinds die eerste minuut zit niemand meer. Iedereen staat op zijn of haar zitje. Bij de Ultras van Gate 9 klimmen fans tot bovenin de ballenvanger. Een machtig gezicht. Eén misstap en er is een dode te betreuren. Een speler die vorige seizoen de overstap maakte van Omonia naar de rivaal is de gebeten hond. Bij ieder balcontact wordt hij uitgejouwd.

De oververhitte ambiance slaat over op de spelers. De opstootjes op de grasmat rijgen zich in hoog tempo aaneen. Trainers en wisselspelers doen gezellig mee en rennen zonder pardon het veld op. De scheidsrechters hebben grote moeite de derby onder controle te houden. Als een speler van APOEL een onterechte gele kaart krijgt voorgeschoteld zijn de rapen gaar. De spelers belagen de arbiter die daardoor tien meter achteruit wordt geduwd en bijna omvalt.

Het is in de vijftiende minuut Fernando Cavenaghi die de gelijkmaker op het scorebord zet. De sterspeler van APOEL zet drie spelers op het verkeerde been en schiet beheerst in de rechter benedenhoek. Nu is het de beurt aan de oranje-aanhang om zich te laten horen. De fans in het uitvak stormen massaal de tribune omlaag. Wat een passie! Soteris kan wel janken. Hij slaat nog maar eens een kruis. Als dat maar goed gaat.

Na de rust is het weer Cavenaghi die het verschil maakt. De oud-speler van River Plate, Villarreal en Girondins Bordeaux straft een fout in de Omonia-verdediging beheerst af. Hierna is het wachten op de genadeklap. Het dappere Omonia strijdt echter tot het eind en wordt in de 78ste minuut beloond. Waterman, die eerder nog twee keer reddend optrad, veroorzaakt een penalty. De slungelige Ier Cilian Sheridan schiet onverbiddelijk binnen. In de laatste minuten krijgt Omonia zelfs nog kansen op de overwinning, maar het blijft bij 2-2.

Op de terugreis is de sfeer iets minder gezellig dan op de heenreis. Alkis en Soteris zijn ontevreden over de uitslag. ‘We waren beter. We hadden ze moeten pakken.’ Met de berichtgeving op de radio zijn ze het ook al niet eens. ‘Die verslaggever is APOEL-fan,’ roepen ze. Ik kan een glimlach niet onderdrukken en geniet van hun gepassioneerde clubliefde. De Derby van Nicosia was alles wat ik had gehoopt en heeft me bovendien twee nieuwe vrienden gebracht.

Dit artikel is eerder verschenen in Panenka nummer 6. Het hele magazine bestellen? Klik op de afbeelding om direct naar de webshop van Panenka te gaan.

Panenka Magazine
Panenka kijkt anders naar de belangrijkste bijzaak van de wereld. Onze verhalen gaan over alles wat met voetbal te maken heeft, maar dan niet om transfer-bedragen, tactieken en wedstrijdanalyses. Panenka draait om de liefde voor het spelletje, van amateur tot prof, van supporter tot verzamelaar en groundhopper.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.