Het is tijd om de scheidsrechters buitenspel te zetten

12_juli_20113

Voetbal is een prachtige sport. Het spel zelf, met al haar tactische facetten, is een lust voor het oog. Toch onderscheiden de randzaken om het voetbal heen de sport van alle andere. De prachtige voetbalstadions, de supportersculturen, de historische derby’s en zelfs de geur van Midalgan en het groene gras zijn minstens zo adembenemend als het spel zelf. Verder wordt geen enkele sport zoveel geanalyseerd als het voetbal. Elke breedtebal, ingooi en handje-klap met de trainer wordt uitgebreid besproken en zo nodig bejubeld of bekritiseerd. Voor de vele voetbalfans is dit zelfs nog niet genoeg, waardoor talrijke voetbalmagazines en opiniërende websites als deze een grote klandizie hebben. Toch kan zelfs het analyseren van het voetbal te ver gaan. Ouwehoeren over voetbal, supporters, stadions en zelfs de overkoepelende voetbalorganen is heerlijk, maar de grens moet getrokken worden bij de analyse van scheidsrechters.

Studio Voetbal begon een paar jaar geleden met de welbekende rubriek ‘Elleboog van de week’. Presentator Jack van Gelder liet zijn gasten een aantal elleboogstoten zien en stelde zijn inmiddels beroemde vraag: ‘Zeg het maar jongens, elleboog of niet?’. Het was Jack al snel vergeven. Met types als Ronald Waterreus en Arno Vermeulen aan tafel is er weinig voetbalkennis te bespeuren en is het toetsen van enkele ‘ja/nee-vragen’ misschien wel bittere noodzaak. Toch sijpelt het geneuzel over scheidsrechters zelfs door tot de hoger aangeslagen analytici. Jan van Halst en zijn geliefde Piero laten inmiddels geregeld beelden zien van scheidsrechterlijke beslissingen en in de vele gerespecteerde sportkaternen en voetbalmagazines worden scheidsrechters wekelijks beoordeeld. Gisteravond was het dieptepunt in mijn irritatie over die idiote hoeveelheid aandacht de leidsmannen krijgen bereikt. Eén van mijn favoriete voetbalprogramma’s, Voetbal International, vond het een leuk om een item te maken over het dagelijks leven van toparbiter Björn Kuipers. Blijkbaar doen Björn en zijn vrouw iets in de spannende wereld van supermarktconcern C1000. Het was de zoveelste vervelende onderbreking in een verder erg amuserend en kritisch voetbalprogramma. Helaas vonden Wilfred Genee en Johan Derksen, tot mijn grote verbazing, het een erg leuk kijkje in wereld van een scheidsrechter. Mijn spreekwoordelijke klomp brak. Ik zag geen andere optie dan hierop te reageren en vandaar dit relaas.

Voordat ik verkeerd begrepen wordt, wil ik u melden dat ook ik veel respect heb voor scheidsrechters. Door het hele land offeren elk weekend scheidsrechters zich op om 22 spelers, op elke niveau in de Nederlandse voetbalpiramide, een leuke middag te bezorgen. Ondanks de waardering die deze mensen toekomt, heb ik altijd mijn bedenkingen over de geestelijke toestand van deze mensen. Welke zelfrespecterende man laat zich, in veel gevallen vrijwillig, een middag lang uitschelden en zelfs bedreigen door een stel hopeloze voetballers? Een slecht huwelijk of het niet toegelaten worden tot een voetbalteam, zijn de enige redenen die ik hiervoor kan bedenken. Helaas hebben veel scheidsrechters niet het zelfreflecterende vermogen om in te zien dat zij van net zoveel waarde voor de sport zijn als een terreinknecht of materiaalman. Dit bleek nogmaals uit het verhaal van Björn Kuipers. Het leek wel er wel degelijk van overtuigd dat hij unieke invloed had op wedstrijden. Door deze dwaze gedachten is het belangrijk om te stoppen met praten over het scheidsrechterskorps. Een arbiter hoort onopvallend te zijn, maar door de aandacht van de media, wil elke scheidsrechter zijn ‘eigen draai’ aan wedstrijden geven, om zo maar onder de aandacht te komen. Waar houdt het dan op? Gaan materiaalmannen de ballen net niet hard genoeg op pompen, zodat er over wordt gepraat?

In tegenstelling tot veel van mijn In de Hekken collega’s ben ik minder begaan met de hele AMF-hype. Ik vind een hoop zaken in het voetbal niet minder dan ze vroeger waren en de meeste ontwikkelingen juich ik zelfs toe. Toch ben ik van mening dat de anonimiteit van scheidsrechters vroeger wel beter was. Het ontbreekt ze simpelweg aan relativeringsvermogen over de eigen rol in de sport en de media doen hier helaas gretig aan mee. Toch moet ik tot de conclusie komen dat ik, middels dit relaas, ook mee doe met het overdreven ‘mening-geven’, analyseren en aandacht geven voor onbelangrijke zaken van het voetbal. Gelukkig is het relativeren mij nog niet vreemd.

Ook leuk om te lezen