Een volle tribune. Met al je vrienden staand dicht op elkaar gepakt. Juichen, schreeuwen, schelden, springen, inhaken. Met halve liters in de hand. Vroeger was dit elk weekend de norm in steden door heel Nederland. De voetbalwedstrijd als de ultieme uitlaatklep van het weekend. Tot Corona kwam. Honderdduizenden supporters moeten het al bijna een jaar lang stellen zonder wedstrijden van hun club. Door een experiment, bedoeld om te kijken of supporters sneller terug op de tribunes mogen, kregen supporters van twee clubs de kans om éénmaal weer een ‘normale’ wedstrijd te beleven. Het was een bizarre en vreemde ervaring. Bijna te mooi om waar te zijn.

Als het voetbalseizoen in september begint ligt het aantal besmettingen nog laag en zijn er dus experimenten mogelijk. Met een mondkapje en op afstand mogen er toeschouwers aanwezig zijn bij het voetbal. Dit is geen lang leven beschoren en de meeste supporters kunnen nog net één wedstrijd meepakken. Ook valt het resultaat erg tegen. Voor de fanatieke supporter is het een schril contrast. Zitten versus staan. Afstand versus dicht op elkaar gepakt. Concertbezoeker versus voetbalsupporter. Het is als alcoholvrij bier. Ergens lijkt het wel op het origineel, maar eigenlijk is het gewoon een waardeloos alternatief bij gebrek aan beter. Het enthousiasme is dus ook niet gelijk gigantisch binnen de vriendengroep als een nieuw experiment wordt aangekondigd.

De kriebels

De voorwaarden zijn ook niet mals. Er wordt met verschillende bubbels gewerkt en zowel de vrijdag voor als de vrijdag na de wedstrijd moeten de supporters een PCR-test ondergaan. Op de wedstrijddag zelf wordt de temperatuur gemeten en moet de hele wedstrijd lang een ‘tag’ gedragen worden die de bewegingen in de gaten houdt. Het lijkt er dus wel echt op dat de supporter een soort proefkonijn is. De beloning die in het vooruitzicht wordt gesteld is echter groot. Er zijn namelijk bubbels met nauwelijks restricties. Geen anderhalve meter, geen mondkapje en wel gezang. Voetbal zoals het in het oude normaal was. Na enkele rondvragen in de groepsapp en veel getwijfel tonen er uiteindelijk zes man animo voor de test. Genoeg voor een gezellige dag. Wij gaan naar het stadion!

Pas als de wedstrijddag dichterbij komt begint het ook daadwerkelijk te leven. Vrijdag is het constant op de radio. Interviews met mensen rondom de club en radiopresentatoren die hun mening geven. Collega’s die erover praten. Als het diezelfde avond na werk tijd is voor de test begint het echt te kriebelen. En dan niet alleen in de keel en neus waar een wattenstaafje in verdwijnt. Zaterdagmiddag volgt dan de definitieve bevestiging. Negatief getest en dus gaat het daadwerkelijk gebeuren. Bijna 11 maanden na de laatste ‘echte’ keer is het weer zo ver. De zaterdagavond is het zowaar moeilijk om in slaap te komen. Een spanning voor de wedstrijd zoals je die vroeger had voordat je als E’tje zelf moest voetballen komt nu ineens weer terug. Dat kan voetbal met een mens doen.

De wedstrijdspanning

De zondagochtend zelf zorgt voor een vreemd gevoel wat ergens ook wel weer herkenbaar is: wedstrijdspanning! Ik was bijna alweer vergeten hoe dat voelde. Voetbal op TV doet eigenlijk maar weinig. Omdat het jouw club is kijk je wel, maar het gevoel is er niet bij. Ik kan ook maar moeilijk snappen hoe het moet zijn om een teletekstsupporter te zijn. Deze dag is er weer dat echte gevoel. De kriebels. Op de fiets naar het stadion gaan en daar met de maten verzamelen om het vak op te gaan.

Dat het vandaag geen dag zoals alle anderen is, is al snel duidelijk. Het hele voorplein is gevuld met media. De NOS, het AD, SBS 6 en ga maar door. Iedereen is aanwezig en allemaal zijn ze op zoek naar een lekkere quote van een supporter. Wij lopen toch maar door. Leuk dat er zoveel aandacht is voor supporters, maar in slechte (en eigenlijk ook reguliere) tijden weten we allemaal dat er alleen maar negatieve aandacht is voor supporters. Dat nu iedereen in de rij staat om te laten weten hoe geweldig ze supporters in het stadion vinden voelt toch hypocriet en zelfs een beetje vies.

In plaats van de standaard fouillering door de steward staat er vandaag een temperatuurmeting op het programma. Nadat ook die gehaald wordt is het moment toch echt daar. Het is een rare ervaring als langzaamaan het stadion betreden wordt. Het voelt bijna alsof het opnieuw de eerste keer is. Eenmaal binnen zijn er ook geen regels meer. Iets wat eerst onwennig voelt na bijna een jaar afstand houden wordt al heel snel weer gewoon. Plots is het weer mogelijk om de maten te omhelzen. De vrienden met wie je normaal elke week op pad ging, thuis of uit, om jezelf een avond lang een beetje te misdragen en nieuwe herinneringen te maken. De vrienden die je eigenlijk dus wel heel erg gemist hebt. Overal om ons heen zien we families en vriendengroepen die intens gelukkig zijn om samen weer een wedstrijd te kunnen bezoeken.

De sfeer

Eerst is er nog de angst dat het misschien een saaie bedoeling wordt. Die angst kan snel de prullenbak in. Zodra de spelers het veld betreden ontploft het vak al. Geluid dat met geen enkel supportersbandje valt na te bootsen, hoe hard ze dat bij ESPN ook proberen. Over de wedstrijd zelf valt verder weinig te schrijven. Niet alleen omdat het schrijven over voetbal saai is, maar omdat het échte supportersgevoel bijna niet valt te omschrijven en bij alle lezers waarschijnlijk wel bekend is. Iedere supporter weet hoe het voelt. En als Corona straks eindelijk voorbij is zal iedere supporter het voor het eerst in tijden weer ervaren en daardoor nog wat intenser dan normaal voelen. En ik kan jullie alvast vertellen: dat gaat geweldig voelen.

Eindelijk weer schreeuwen naar de tegenstander, juichen voor de spelers, schelden tegen de scheidsrechter en springen en zingen met de andere supporters op de tribunes. In combinatie met het plotselinge zomerse weer vergeleken met de winterse omstandigheden van het weekend ervoor voelt de hele ervaring bijna aan als een droom. Een soort tijdelijke voetbalhemel die te mooi is om daadwerkelijk waar te zijn. We komen pas weer met de benen terug op aarde na het laatste fluitsignaal. Het is een ruwe landing. Nadat het stadion verlaten wordt gelden de normale regels weer. Het contrast is extra groot na de ervaring van net. Het wordt maanden teren op de herinneringen die vandaag gemaakt zijn. Het normale leven was voor even weer terug. Voetbal was voor even weer terug. En het was fantastisch!

Lars Smit
Geboren in 1996 en een leven lang verliefd op NEC en voetbal in het algemeen. Helemaal gek van groundhoppen, vergane glorie en amateurvoetbal. Actief als zeer matige spits in de reserve vijfde klasse.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.