Een derby an sich is al bijzonder om te bezoeken, al helemaal wanneer een derby terugkeert na 25 jaar! Laat dit nu net gebeurd zijn in de Belgische Pro League. RFC Seraing is dit jaar gepromoveerd naar de hoogste divisie, waardoor de club het weer mag opnemen tegen provinciegenoot Standard Luik. Dit lijkt een tripje waard te zijn…en dat was het ook!

Vallen en opstaan

Seraing – Standard Luik is niet zomaar een derby. Naast het feit dat deze wedstrijd al 25 jaar niet in de hoogste divisie is afgewerkt, kent Seraing een hele complexe geschiedenis met pieken en dalen. Zo acteerde de club al twee periodes op het hoogste niveau. In 1994 speelden ze zelfs Europees voetbal met bekende Braziliaanse spelers in de gelederen zoals Edmilson, Isaias en Wamberto. Twee jaar daarna sloeg het noodlot toe, doordat de club te weinig inkomsten kende. Een faillissement volgt, waarna grote broer Standard Luik – die in de Luikse derby altijd ongeslagen is gebleven – een aantal spelers uit Seraing wegkaapt. De laatste messteek wordt uitgedeeld wanneer ook stamnummer 27 verdwijnt.

Ondanks dat Seraing vooral in de anonieme regionen van het Belgische voetbal bivakkeerde, gaat het de laatste jaren opeens hard met een aantal promoties. Eén daarvan is bizar te noemen. In 2020 eindigde de club derde in de hoogste amateurdivisie. Door de licentieweigeringen van KSV Roeselare en Excelsior Virton én het faillissement van Sporting Lokeren mocht Seraing tóch deelnemen aan 1B: terug in het profvoetbal!

De terugkeer in het betaald voetbal krijgt extra glans als de Metallo’s het jaar erop via de play-offs zelfs 1A weten te bereiken. Via een tweeluik met Waasland-Beveren wordt het hoogste Belgische podium bereikt. De promotie komt heel even in gevaar wanneer verhalen rondgaan over gesjoemel met coronatestbewijzen in het verleden aan de kant van Seraing. Toch wordt groen licht gegeven met als gevolg dat de Luikse derby eindelijk terug is.

Een saillant detail is dat de gemeente Seraing de afgelopen 25 jaar, tijdens de afwezigheid van de plaatselijke RFC in de hoogste divisie, een generatie heeft gekregen die veel Standard-supporters kent. Als we te horen krijgen dat Stade du Pairay nagenoeg uitverkocht zal geraken, kunnen voorzichtige conclusies over het thuispubliek al getrokken worden. Desalniettemin zijn mijn maat en ik enthousiast genoeg om de auto in te stappen en de Belgische grens over te rijden.

Banlieue

De aftraptijd staat gepland om 18.30. Aangezien we vroeg richting Seraing rijden, is het achteraf geen ramp geweest dat we in Luik drie afslagen hebben gemist. Over afslagen gesproken. Bij het bereiken van het arbeidersstadje wordt eerst even gezocht naar een frietkot die op Google puike recensies heeft gekregen. Na blind Maps te hebben gevolgd, nemen we de afslag een wijk in. Een verlaten busstation geeft de omgeving geen uitnodigende uitstraling. Je ziet nog net niet een tumbleweed over de straten rollen, zoals in de klassieke Western-films. Hoe dichter we bij onze ‘eindbestemming’ komen, des te meer krijgen we het gevoel dat we niks in deze wijk te zoeken hebben.

We gaan de hoek om en zien een basketbalveldje met tientallen jongeren. De gigantische, rechthoekige, grauwe flats op de achtergrond geven de buurt een banlieue-achtige sfeer. Het positieve nieuws is dat we de frietkot waar we naarstig naar op zoek zijn, hebben gevonden. Het slechte nieuws is dat de toko al maanden, misschien wel jaren, gesloten lijkt. Twee omaatjes zitten op plastic tuinstoeltjes voor de snackbar met elkaar te kletsen, totdat ze onze auto voorbij zien komen. Door de achteruitkijkspiegel zie ik een scannende blik van hen, waarna ik besluit om maar weer richting de ‘levendige’ hoofdweg te gaan. We kiezen maar voor een Turkse eettent langs deze weg, waar de ‘doorgewinterde groundhopper’ alleen van het idee al gaat schuimbekken.

Doorstappen

Na de buikjes verwend te hebben, zetten we koers richting het stadion. De grote parkeerplaats aan de grote weg, waar we eerder tientallen Standard-supporters hebben gezien, staat nu vol auto’s. Ook in de wijk rondom het stadion staat het al aardig vol. 20 minuten voor de aftrap zijn we nog steeds een parkeerplekje aan het zoeken, maar niet lang daarna vinden we er één op vijf minuten lopen van de stadionpoorten. Wat prachtig dat het stadion midden in een wijk staat!

We stappen aardig door, maar het goede tempo wordt onderbroken als we de straat inlopen waar we moeten wezen om het stadion te bereiken. Een gigantische rij mensen zorgt ervoor dat doorlopen onmogelijk is. Een agent verzoekt ons om de rij achteraan te verlengen. Bijna iedereen staat in tweetallen keurig achter elkaar op de stoep te wachten tot enkele stappen weer gezet kunnen worden. Niet voordringen, geen chaos. Gewoon wachten tot je aan de beurt bent om je QR-code te laten checken. Rond de aftraptijd zijn wij dan eindelijk aan de beurt. Juichen heeft geen nut, want weer komen we in een rij te staan. Dit keer op een langwerpige kunstgrasmat om uiteindelijk de tickets te laten checken. Onderhand horen we al veel lawaai uit het stadion komen. De wedstrijd is al begonnen…

Geluidsorkaan

Wetend dat we in de hoek zitten, met rechts op de lange zijde zicht op het fanatieke thuisvak en links zicht op het uitvak achter de goal, zoeken we snel een plekje. De stoelnummers op onze kaartjes hoeven we niet te onthouden. Het is in de drukte al vrijwel onmogelijk om de juiste rij te vinden. Overal waar je op de tribune staat, sta je in de weg, omdat andere mensen er langs willen. We proberen wat hoger op de tribune twee stoeltjes te vinden. Met een schuin oog kijken we naar de wedstrijd. Het tempo is hoog en het publiek zweept de spelers op. Door het geschreeuw, is het spel ook wat opgejaagd. De bal wordt alle kanten op geknoerd en de spelers hollen als dolle stieren erachteraan. Het zal ons allemaal een worst wezen, want het publiek valt meer op dan de spelers.

Het geluidsgeweld verbaast ons. Het gaat niet eens om gezang, want de harde kern van Seraing valt tegen. Een vlag en een trommel moeten enigszins voor sfeer en aanmoediging zorgen. Maar de thuissupporters op de andere vakken schreeuwen hun longen met enkele kreten uit hun lijf. Vooral als de thuisploeg in de buurt van de zestien komt, volgt er kabaal. Op de trap vlak naast ons, staan een paar kinderen aandachtig de wedstrijd te volgen. Bij een veelbelovende pass verheffen zij hun stem. Leuk voor het voetbalhart, maar niet voor de oorschelpen. Het gekrijs komt de spuigaten uit.
De jochies worden wat minder luidruchtig wanneer Standard Luik een goedkope pingel krijgt na 20 minuten. Deze wordt benut en aan het gejuich in ons vak te horen, weten we dat er genoeg mensen uit Luik op de thuistribune zitten.

Zuid-Amerika in het klein

De rest van de wedstrijd hebben we amper gevolgd. Het stadion is zo adembenemend mooi. De lange zijde aan de overkant bevat houten bankjes. Gelukkig zitten wij zelf op een soort geïmproviseerde noodtribune, waardoor we de ‘lelijkste’ tribune in ieder geval niet op ons netvlies hebben. De mooiste tribune is die bij het uitvak. De muurtjes worden door vele Standard-supporters geclaimd. Vanaf de muren hebben zij een prachtig zicht op het veld. Het bouwwerk in combinatie met de heuvels en oude flats op de achtergrond en het lawaai op de tribunes, zorgt voor Zuid-Amerikaanse taferelen. Ondanks dat de wedstrijd van een slecht niveau is, leeft deze derby wel. En natuurlijk hangt dit samen met vele factoren. De derby is namelijk eindelijk terug. De stadions mogen weer vol. Het weer is goed. Maar puur op basis van deze ervaring is Seraing een absolute aanrader, vooral tijdens de derby tegen de Rouches.

Oh ja, Standard speelt de laatste tien minuten met tien man en zij houden de 0-1 voorsprong vast tot het laatste fluitsignaal. Iedereen keert huiswaarts en in de straten gaat het luik (dubbelzinnig genoeg) van de huizen naar beneden. Seraing verandert weer in een rustig stadje.

 

In de Hekken
In de Hekken brengt vanaf 2010 een doorlopende ode aan de voetbalsupporter, en is sinds die tijd één van de grootste websites voor (fanatieke) voetbalsupporters in Nederland en België.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.