Op 9 november 1921 hervormde Benito Mussolini de knokploegen van de Fasci di Combattimento om tot een politieke partij, de Partito Nazionale Fascista, welke tot 1943 Italië regeerde. Het fascisme had sport hoog in het vaandel staan en deze ideologie heeft een grote invloed gehad op het Italiaanse voetbal. Ik duik de geschiedenisboeken in en kijk naar de invloed van Mussolini in het Italiaans voetbal gedurende zijn regeerperiode en leg de parallel met de huidige extremistische ontwikkelingen in bepaalde supportersculturen.

Sport als politiek middel

Om de invloed van fascisme op het voetbal te begrijpen moeten we terug naar de jaren 20. Mussolini meende dat sport voor een gevoel van strijd en eenheid zorgde. Deze eenheid en een gezamenlijke wil om te winnen als team liep in pas met de idealen van het fascisme. In het fascisme werd gesteld dat men alleen dingen kon bereiken als een grote groep de neuzen dezelfde kant op hadden staan, een eenling kon geen grote dingen bereiken.

Een goed voorbeeld van hoe Mussolini voetbal gebruikte voor politiek gewin was de winst van het Italiaans nationaal elftal op het WK van 1934. Italië boekte zijn eerste grote succes op het wereldtoneel en de fascistische krant Il Popolo d’Italia kopte dan ook dat Italië de idealen harmonie, discipline, orde en lef perfect hebben omgezet naar wereldsucces. Voor de fascisten was de WK-finale van 1934 de belichaming van een fascistische overwinning.

Lazio

Wanneer we tegenwoordig over de link tussen fascisme en voetbal praten, komen we al snel uit op Lazio Roma. De fanatieke aanhang van de ploeg is vaak in het nieuws geweest voor fascistische saluten, openlijke sympathie voor het regime van Mussolini en een paar jaar terug voor de stickers van Anne Frank met een AS Roma-shirt.

Waar komt dit fascistische karakter van Lazio vandaan?

Hiervoor moeten we terug naar 1927: de oprichting van AS Roma.

Mussolini had het ideaal om van de vele kleine clubs in Rome één grote club te maken. Uiteindelijk werden drie clubs omgevormd tot AS Roma. Lazio bleef, door invloed van de fascistische generaal Giorgio Vaccaro, bestaan en bleef daarmee de oudste nog bestaande ploeg van Rome.

Om te begrijpen waarom de Fascistische Partij zoveel aandacht gaf aan Lazio kijken we naar twee kernelementen van het fascisme: centralisatie en traditie.

Centralisatie: Rome was de hoofdstad van het beoogde grote Italiaanse Rijk en moest dus in álles excelleren, ook in het voetbal. In de late jaren ’20 waren de ploegen uit het noorden -met name Milaan- een pak sterker dan de ploegen uit Rome. Door de focus op Lazio te leggen moest Lazio kunnen concurreren met de noorderlingen en uiteindelijk de grootste club van het land worden om de positie van Rome te versterken.

Traditie: Hoewel het doel van Mussolini was om één grote stadsclub te creëren mislukte dit, doordat Lazio niet meeging in de fusie tussen Roman, Alba-Audace en Fortitudo, dat door die fusie AS Roma werd. Hierdoor bleef Lazio over als oudste club van Rome. Het fascisme hechtte veel waarde aan traditie en dus ook aan historie. Doordat Lazio na de fusie de oudste club van Rome werd werd de club dus ook gezien als de traditieclub van la capitale.

Paolo di Canio

Veel mensen herinneren zich de beelden nog van Paolo di Canio die de supporters van Lazio groet met de gestrekte rechterarm. De beelden gingen de hele wereld over en Lazio, dat beetje bij beetje kon herstellen van haar fascistische imago, kon weer opnieuw beginnen met goodwillpunten scoren in binnen- en buitenland.

Als trouw lid van de ultra’s groeide hij op achter de goal in het Stadio Olimpico en kreeg van jongs af aan de fascistische sentimenten van de irrudicibili mee. Deze jongen van de harde kern bleef ook in zijn profcarrière een bijzondere band met de ultra’s houden, hetgeen zich tot uiting bracht met het brengen van een fascistische groet.

Alessandra Mussolini

De actie van Paolo di Canio leidde bij een aantal prominente figuren binnen het Italiaanse neofascisme ook tot lof. Alessandra Mussolini, kleindochter van Il Duce, prees Di Canio en noemde het “een prachtig gebaar”.

Behalve supporter van Lazio is Alessandra Mussolini ook een omstreden figuur binnen de Italiaanse politiek.

Met uitspraken als ‘de executie van mijn grootvader was een regelrecht kwaad’ en ‘liever fascist dan flikker’ zorgde ze voor de nodige oproer binnen Italië, dat al jarenlang een ruk naar rechts maakt.

Maar de nalatenschap van Benito Mussolini zorgde met name voor een vorm van acceptatie voor het fascisme. In tegenstelling tot veel andere extremistische leiders uit de twintigste eeuw kreeg Benito kinderen die later kleinkinderen kregen die politieke functies zouden gaan vervullen.

Dit alles zorgde ervoor dat het fascisme nooit weg is geweest uit Italië en nog steeds redelijke steun krijgt van de bevolking, waaronder veel jongeren.

Ultra’s en de politiek

Op dit moment is er in Italië -vergeleken met de rest van Europa- een buitenproportioneel groot aantal radicaal-rechtse partijen, waarvan Fratelli d’Italia de populairste is. De partij heeft op dit moment 36 van de 630 zetels in het parlement, maar staat in de laatste peiling op 130.

De partij is, samen met de ultra-fascistische partijen CasaPound en Forza Nuova, op de staantribunes een geliefde politieke keuze. Het harde, strijdlustige karakter van het fascisme leeft voort bij veel ultragroeperingen en er is een cultuur van wederzijds respect ontstaan tussen de neofascistische partijen en een aantal van de ultragroepen.

Extreemrechts op de tribune is ook in andere landen een probleem. In de meeste Oost-Europese landen zitten openlijk extreemrechtse partijen met grote steun in het parlement en het brengen van saluten op tribunes is geen verrassing.

Er is echter een groot verschil tussen Italië en andere landen met een fascistisch verleden, zoals Kroatië en Griekenland: in Italië is de lijn veel harder stijgend en worden de idealen breder gedragen.

Waar in Oost-Europa vaak maar één of twee partijen te vinden zijn die zich op een manier neofascistisch uiten, hebben een aantal fascistische idealen in Italië zelfs de gematigd-rechtse politiek bereikt. Dit zien we terug bij Lega Nord en in mindere mate bij Berlusconi’s Forza Italia.

Al deze partijen stellen dat Italië sterk bedreigd wordt door vijandelijke groepen en dat alleen een actieve strijd het land kan redden van schrijnende armoede, een invasie aan migranten en een verlies van traditie.

Deze onderwerpen spreken veel fanatieke supporters van o.a. Lazio aan. Het past namelijk in de ultracultuur: het behoud van je eigen tradities, het zelf bepalen wie je binnenlaat in je groep en wie niet, het vechten voor je trots en een groot familiegevoel binnen de groep.

De toekomst van het fascisme op de tribune

Het is moeilijk om te zeggen hoe neofascistisch gedachtengoed zich gaat ontwikkelen op de Italiaanse tribunes. Wél kunnen we een aantal realistische voorspellingen doen:

De nasleep van COVID-19 zal Italië hard raken en de economie zal zwakker worden. Dit is een thuiswedstrijd voor Fratelli d’Italia, dat de EU en migranten hiervan de schuld zal geven. In lijn met de geschiedenis zullen lokale afdelingen van deze steeds groter wordende partij proberen ultra’s te mobiliseren om mee te lopen in marsen tegen de huidige stand van zaken.

Neofascisme is in Italië onderdeel geworden van de cultuur en we kunnen stellen dat het de komende jaren zal groeien en dat zich dat ook tot uiting gaat brengen op de tribunes.

Lazio blijft een extreem populaire club bij de aanhangers van het neofascisme, waaronder ook de familie Mussolini, maar ook andere Italiaanse grootmachten als AC Milan en Juventus kennen supportersgroepen met radicaal-rechts gedachtengoed.

In het zuiden, bij clubs als Napoli, Palermo en Lecce speelt dit juist een stuk minder en zijn de supporters linkser van aard. Dit heeft te maken met de grote noord-zuidtegenstelling binnen Italië, waarin het welvarende noorden gevoeliger was voor rechtse idealen waarin er veel vijandbeelden geschapen werden. Het zuiden was traditioneel achtergesteld en links-populisme domineert Zuid-Italië al sinds jaar en dag.

Al met al kunnen we stellen dat de geschiedenis van het Italiaans fascisme nog wel even zal voortduren en we kunnen niks anders dan de gebeurtenissen op de voet volgen en beweegredenen zoeken voor de beïnvloeding van deze bewegingen op de Italiaanse supporterscultuur.

Nikola Edelsztejn
Sinds januari 2021 redacteur bij In de Hekken. Zwerft rond over de Balkan op zoek naar mooie voetbalverhalen, unieke clubs en onvergetelijke sferen op de tribunes. Wacht al jaren op een officiële overwinning van San Marino.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.