En jaren nog hierna, het zijn bekende woorden uit het evenwel bekende lied: ‘De Sparta Marsch’. Het is vandaag 133 jaar geleden dat Sparta Rotterdam, de oudste profclub in Nederland, haar eerste licht zag. En dat moet gevierd worden.

Door Rick Kraaijeveld.

‘Zo oud als Sparta word je nooit’ is wat Jules Deelder ooit zei, en dat klopt. Zo oud als Sparta word je nooit, ik heb de boeken er op nageslagen; er is niemand die zo oud is als Sparta. Sparta heeft dan ook een enorm interessante en ruime historie. Laat Sparta vandaag nou ook nog eens jarig zijn, wie het kan mag het proberen; maar 133 kaarsjes in één keer uitblazen lijkt mij knap lastig. Sparta en haar verjaardag zijn bijzonder, er valt genoeg over te vertellen. Maar Sparta is op meerdere fronten, in haar rijke geschiedenis, bijzonder en daar weten vaak weinig mensen écht wat van. Daarom vandaag een diepe duik in het verleden van deze club; naar het moment van oprichten, de eerste internationale wedstrijd voor zowel clubs als land en hoe komt Sparta nou aan het rood-wit? Gewoon, omdat ze jarig is.

1 april 1888

Vijf jongens zitten in de tuin van het huis van de familie Hartevelt Hoos, aan Oostvestplein 11 te Rotterdam. Deze vijf jongens hadden al eerder het idee gehad om een club op te richten, om cricket te spelen. Die bewuste Eerste Paasdag zou het dan toch gaan gebeuren, de jongens richten een cricketclub op onder de naam Sparta. De jongens zijn niet ouder dan zestien en komen uit goede gezinnen in Rotterdam. Het was destijds de hogere- en middenklasse uit die tijd die geld én tijd had om sport te beoefenen. Dat bleek uit cricket, want het NRC meldde een maand na oprichting al de eerste cricketoverwinning van Sparta, op Achilles met 45 runs. Voetbal komt pas bij de club aan bod in juli, wanneer de jongens een voetbal krijgen van hun vaders, als cadeau. Al snel wordt er gevoetbald, op het Noordereiland, alleen tegen elkaar.

De eerste officiële wedstrijd wordt gespeeld tegen een groep jongens die zichzelf ‘Kralingen’ noemen, deze wedstrijd eindigt in een klinkende 6-0 overwinning voor de jongens van Sparta. Geen slecht begin zou je zeggen. Opvallend om te vermelden is dat er in die tijd geen enkele vorm van organisatie aanwezig is, de mannen van de tegenpartij worden uitgenodigd per post of telegram. Iedereen speelt in een eigen shirt, als het maar past, iets waar in 1890 verandering in kwam. Er wordt verplicht om met een wit shirt te spelen, de kleur van het broekje is naar keuze. Met dit tenue is Sparta drie jaar later, in 1893, de eerste club in Nederland die een internationale wedstrijd speelt. De Engelse voetballers van Harwich and Parkeston komen op 13 maart van dat jaar naar Rotterdam toe om voetballes te geven, Sparta gaat onderuit met 0-8. Een paar weken later steken de jongens van Sparta de Noordzee over om in Engeland een wedstrijd te spelen. De uitslag is al iets minder erg: 3-0.

Het shirt, het Nederlands elftal en de Sparta Marsch

Vlak voor het ingaan van de nieuwe eeuw is Sparta gegroeid, er ontstaat al een bestuur en het team heeft al een tijdje prima resultaten neergezet in de competitie, behalve rond het jaar 1889. Aan het einde van het seizoen strandt Sparta in de halve finale van de beker, waarna het bestuur een uitstapje maakt naar Engeland. Het bestuur komt niet met lege handen terug van dat reisje, namelijk met gloednieuwe oud Sunderland-shirts. De bestuursleden waren overduidelijk gecharmeerd van het Sunderland-shirt. Het shirt van Sunderland is de start van het dragen van shirts zoals wij die nu van Sparta kennen. Rood-wit, verticaal gestreept met daaronder een zwart broekje. Het zou een nieuwe impuls aan het team moeten geven, gezien de magere resultaten van de twee jaren daarvoor. Het mag echter nog niet baten, de eerste competitiewedstrijd in de nieuwe eeuw wordt met 9-1 verloren van HVV uit Den Haag. Dat hele seizoen kan voor iedere Spartaan uit die tijd de prullenbak in, er wordt uit de veertien wedstrijden namelijk maar drie keer gelijk gespeeld en maar liefst elf keer verloren. Historische momenten en resultaten gingen zelfs toen al niet hand in hand met elkaar.

Enfin, zoals wel vaker in slechte tijden; het wordt beter. Deze nieuwe eeuw heeft namelijk ontiegelijk veel in petto voor Sparta. Te beginnen met de eerste wedstrijd van het Nederlands elftal óóit, die is georganiseerd door én bij Sparta in 1905. Op het terrein ‘Schuttersveld’ treedt het Nederlands elftal aan tegen België, het wordt 4-0 voor Nederland én Spartaanse legende Bok de Korver weet een doelpuntje mee te pikken. De eerste wedstrijd voor het Nederlands elftal is een feit.

Vier jaar na dit fantastische affiche wordt Sparta voor het eerst landskampioen. Op 2 mei 1909 wint Sarta met 5-0 van HFC Haarlem en kroont ze zich kampioen van afdeling West. Na een dubbele finale tegen Wilhelmina uit den Bosch, uit afdeling oost, wordt Sparta voor het eerst kampioen van Nederland. Jaap Blazer, ofwel Jac. Blazer, is hier zo van uit zijn bol dat hij een mars componeert uit vreugde: de Sparta Marsch. Wanneer je de officiële cover van de plaat ziet staat er: ‘Marsch voor Piano, opgedragen aan de RV en AV Sparta. Ter gelegenheid van het kampioenschap 1908/1909. Gecomponeerd door Jac. Blazer.’ Met de komst van deze mars is er een clublied geboren, het clublied van Sparta Rotterdam. Het is het oudste clublied van heel Nederland.

Het Rood-Witte mannendiner

Het bruggetje richting de verjaardag van Sparta is het ontstaan van het Rood-Witte mannendiner, een oeroude traditie die altijd zijn doorgang heeft blijven vinden. Het is 11 april 1938, de snelle rekenaar onder ons weet het al, Sparta viert haar vijftigjarig bestaan. De club van, nog altijd, de hoge stand vindt het tijd om een traditie te starten: het Rood-Witte mannendiner. Ter ere van het vijftigjarig bestaan van de club wordt besloten om met alle mannen van de club zes gangen te gaan eten bij hotel “Atlanta” in Rotterdam. Een nieuwe traditie is geboren: ieder jaar, tot op de dag van 10 mei 2019, wordt dit diner gehouden. Tegenwoordig ook met een select groepje supporters. Tot op heden zijn de enige onderbrekingen te danken aan een wereldwijde oorlog en aan een wereldwijde pandemie, verder laat het Rood-Witte mannendiner zich door niets uit het veld slaan. Wat heet, het gaat zelfs met zijn tijd mee. Bij de editie in 2018 was het voor het eerst dat er ook vrouwen genodigd werden voor deze festiviteit. Deze traditie is onlosmakelijk verbonden met de verjaardag van Sparta.

Sparta en haar verjaardag

Ad Borstlap, oud-voorzitter van de supportersvereniging, vertelt verhalen uit 1963, 1988 en 2013. “Ik weet nog dat in 1963 het 75-jarig jubileum werd gevierd, met een heuse rally. Men manifesteerde zich met de auto bij Sparta en kreeg daar een vlaggetje in driehoekvorm met daarop ‘Sparta 75 jaar’. Het aantal auto’s dat zich daar verzamelde was vrij bijzonder voor die tijd, waarin er nog niet gek veel auto’s rondreden. Zelfs trams reden door de stad met zo’n vlaggetje, meen ik.” Ad vervolgt zijn verhaal met de viering van het honderdjarig bestaan van Sparta, in 1988: “Sparta had ‘De Doelen’ afgehuurd in Rotterdam. Toen kwamen Anita Meijer en Lee Towers, dat Lee bij Sparta optreedt kan je je nu niet meer voorstellen, stonden alle foyers, gangen en zalen vol met mensen.”

Dat het met festiviteiten en Sparta niet altijd helemaal lekker gaat zal een Spartaan niet vreemd zijn, zo ook al eerder in dit verhaal benoemd. Zo haalt Ad herinneringen op van het 125-jarig bestaan van Sparta, in 2013. Sparta kon goede zaken doen voor promotie en mocht het opnemen tegen Emmen, in een dramatische wedstrijd verloor Sparta met 0-1 in de laatste minuten. Zo kan het dus ook.
Dat devies geldt al een aantal jaren bij Sparta: “Leg druk op een wedstrijd waar wat te vieren valt en het gaat vaak fout bij Sparta”, zegt Peter van der Zwan, voorzitter van de supportersvereniging, treffend. Ook hij heeft genoeg vervelende momenten meegemaakt op verjaardagen van Sparta. Dat Sparta vaak voetbalt op haar verjaardag is geen verrassing: “Sinds een jaar of vijftien, weet ik niet precies, heeft Sparta het verzoek bij de KNVB altijd rond 1 april een thuiswedstrijd te spelen om de verjaardag te vieren”, vertelt Peter.

Het spelen op of rondom de verjaardag is niet het enige wat Sparta doet om aandacht te geven aan het verjaren van de club, verschillende sfeeracties en vuurwerkshows zijn al op Het Kasteel te aanschouwen geweest. Buiten dat heeft Sparta ook verschillende jubileumboeken geproduceerd, waarvan de eerste in 1928 verscheen ter viering van het veertigjarig bestaan. De meest recente is die van het 125-jarig bestaan, wat een behoorlijk dikke pil is. Peter vindt dat het mooie van de club: “Je bent een kleine club, maar ook heel groot. Meerdere boeken bij het 125-jarig bestaan. Eén helemaal over supporters, over de ‘bolle hoeden en herenclub’ van vroeger. Dat we dat toch nog een beetje zijn. Dat vind ik mooi.”

Dit jaar zal Sparta geen vuurwerkshow organiseren, geen sfeeractie neerzetten en geen boek maken. Dit jaar is er een quiz, waarbij ‘De Oude Dame’ van de Eredivisie 133 kaarsjes uit mag blazen. Ondanks deze tijd organiseert Sparta toch nog iets en dat siert haar. Dit jaar speelt Sparta ook niet op haar verjaardag, wel twee dagen erna tegen PEC Zwolle. Misschien pakt Sparta dan wel punten.

En zo is Sparta toch een bijzondere club, heeft het een mooie geschiedenis die verteld mag – en misschien wel móet – worden. En wanneer kan dat nou beter dan op een verjaardag?
Sparta Rotterdam, van harte en jaren nog hierna! En onthoud: ‘Zo oud als Sparta word je nooit.’

Dit artikel is geschreven door Rick Kraaijeveld.

Rick Kraaijeveld
Student journalistiek die leeft voor het voetbal. Houdt van globetrotters en avonturiers, maar wil daar altijd historie en cultuur aan linken. Voetbal met cultuur verbinden, dieper gaan dan wat al bekend is. Dat is het doel. Is elke week zelf op de tribune te vinden en staat dan liever op een half ingestorte tribune dan in een hypermoderne galmbak. Voorliefde voor Italië en Engeland.

Ook leuk om te lezen

Reageren is niet mogelijk.