Supporters zijn geen nummers

Supporters worden tegenwoordig steeds vaker niet behandeld als kloppend hart van de club, maar als inwisselbare consumenten. Supporters worden steeds meer anonieme ‘nummers’ die geld moeten opbrengen, niet moeten klagen en anders maar op moeten rotten. Dure toegangskaarten, combiregelingen en fakkelverboden zijn slechts enkele maatregelen die van de levendige supporterscultuur een kleurloze bedoening trachten te maken. De protesten van supporters hiertegen worden de kop ingedrukt met (spandoek)censuur  en stadionverboden.

Er zijn supporters die het zat zijn, zich niet meer bij hun club thuis voelen, en het stadion niet meer bezoeken. Hun plaats wordt ingenomen door anderen. Geen supporters, maar toeschouwers, publiek. Voetbalconsumenten. Ze kijken – zittend – naar de wedstrijd, zonder lawaai te maken, zonder de ploeg te steunen. Een tweewekelijkse gang naar het stadion, met hiertussen een ander leven, dat niet echt om voetbal draait.

Er zijn ook supporters die blijven. Die geen afscheid nemen van hún club. Die hopen en er voor strijden dat het beter wordt. Die koesteren wat er nog is, die dingen proberen te veranderen. Die zich ontworstelen aan het juk van een vercommercialiseerde voetbalclub, en blijven vechten voor het behoud van hun cultuur. Zij staan in een verder stil en apatisch stadion te zingen, met sjaals te zwaaien te midden van spandoeken. Zij zijn geen nummers, geen toeschouwers. Zij zijn supporters. Het hart van de club. Trouw, hoe slecht de club ook speelt. Zij weigeren deel te nemen aan de Orwelliaanse wereld die overheden en clubs voor ogen hebben: een kooi waarin de nummers permanent in de gaten worden gehouden, en zich moeten gedragen naar hun wensen.

Het kunstwerk van de Britse graffiti-artiest Banksy sluit hier naadloos bij aan. Bevrijd jezelf uit de ‘kooi’ die je als nummer bent. Stand up for football!

Ook leuk om te lezen