Italiaanse toestanden deel 3: Perugia

De Italiaanse supporterscultuur is een inspiratiebron voor veel supporters uit de rest van Europa. Ultras, tifo, vlaggen, vuurwerk, gezangen: allen komen van oorsprong uit het land van de Romeinen. Reden voor In De Hekken om een bezoek te brengen aan het hart van Italië. Nadat in deel 1 Como aan bod kwam en in deel 2 Arezzo is het in dit laatste deel de beurt aan Perugia.

Perugia ligt midden in Umbrië, de streek gelegen in het hart van Italië. Perugia is de hoofdstad van de streek, en torent als een koning uit boven de rest van de omgeving. De historische binnenstad van Perugia is gelegen op een heuvel, en biedt een fenomenaal uitzicht over de wijde omtrek. Van Assisi, de Apennijnen en Foligno in het oosten tot het meer van Trasimeno in het westen en Gubbio in het noorden. Aan de zuidkant wordt de aandacht getrokken door iets dat veel dichterbij ligt. In de heiige diepte schittert Stadio Renato Curi in de zon.

Stadio Renato Curi, stadion van AC Perugia, ligt in de benedenstad, ver weg van het toeristische centrum met haar prachtige Palazzo dei Priori, Fontana Maggiore en machtige Corso Vannucci. Het stadion ligt ingeklemd tussen een prozaïsch parkeerterrein, de ringweg , een park en een spoorlijn. Onderweg van binnenstad naar stadion bepalen eentonige woonwijken het beeld. Bij het stadion heerst een serene rust. Op deze doordeweekse middag in augustus is er nauwelijks leven te bespeuren in en rond het 28.000 plaatsen tellende stadion. Vier losstaande tribunes omzomen het veld. Alleen de hoofdtribune is overdekt. Op de Curva Nord, achter het doel, hangt een spandoek: La Curva Nord e’il tuo cuore. Forza Perugia! ‘De Curva Nord is jouw hart. Kracht aan Perugia!

Het stadion kenmerkt zich van de buitenkant door een hermetische afsluiting met metershoge hekken. Graffiti siert de vesting. ‘Contro Il Calcio Moderno’ uiteraard, vele malen. ‘Ultras Liberi’, idem. ‘Ingrifati 1989’, de supportersgroep van de club. ‘Terni Merda’, Schijt Terni, gericht tegen de rivaal enkele tientallen kilometers zuidelijker. ‘Old Stamp’, voorzien van een leren voetbal, omgeven door een krans. Supporters van de oude stempel. Een doorgekrast fascistisch kruis, met daarnaast de communistische hamer en sikkel. Politiek is nooit ver weg in het Italiaanse voetbal.

Het stadion is vernoemd naar een oud-speler. Renato Curi speelde in de jaren ’70 voor AC Perugia, en hielp de club in 1975 aan de historische eerste promotie naar de Serie A. In 1977 behaalde de club met hem de zesde plaats in de hoogste afdeling, de beste prestatie van de Grifoni (naar de griffioen, symbool van de stad) ooit. De schok was dan ook groot toen Curi op 30 oktober 1977 in een thuiswedstrijd tegen Juventus plotseling ineen zakte. Een hartinfarct had hem geveld. De held stierf in het harnas, 24 jaar oud.

De jaren ’70 zouden de glorietijden van de club blijven. Na de dood van Curi bleef Perugia in de top van de Serie A meedraaien. In 1979 eindigde de club op de 2e plaats zonder te verliezen maar veel gelijk te spelen, waarmee het nog steeds de enige ongeslagen niet-kampioen van de Serie A is. Een omkoopschandaal leidde in 1981 tot puntenaftrek en degradatie naar de Serie B, de divisie waar Perugia tussen 1966 en 1974 al had gespeeld. Hiervoor speelde de club op lagere niveaus.

In 1985 was de club dicht bij promotie, door slechts één wedstrijd te verliezen maar er liefst 26 gelijk te spelen en dus maar elf te winnen. Een jaar later leidde een volgend schandaal tot verplichte overplaatsing naar de Serie C2, het vierde en laagste profniveau. In de jaren ’90 zou de club zich weer oprichten, met promotie naar de Serie B in 1994 en promotie naar de Serie A twee jaar later. 2003-2004 is het laatste seizoen van AC Perugia in de Serie A. De club eindigt als 15e, maar wint op basis van de 9e plaats een seizoen eerder wel de Intertoto Cup door van onder meer FC Nantes en VfL Wolfsburg te winnen. De winst leidt tot UEFA-Cup-winsten tegen Dundee FC en Aris Saloniki, tot Perugia in de 3e ronde haar meerdere moet erkennen in PSV.

Een jaar na de degradatie staat Perugia in de top van de Serie B, maar financiële problemen leiden ertoe dat de club het faillissement moet aanvragen. Een doorstart wordt gemaakt in de Serie C1 onder de naam Perugia Calcio met ingang van 2005-2006. De club blijft enkele jaren meedraaien in de subtop van de Serie C1, in 2008 Lega Pro Prima Divisione gedoopt.

In de zomer van 2010 slaat het noodlot opnieuw toe. De club heeft haar financiële positie niet kunnen verbeteren, en wordt wederom failliet verklaard. Ditmaal wordt de club ontbonden, de 11e plaats in de Prima Divisione ten spijt. Opnieuw maakt de club echter een doorstart. Associazione Sportiva Dilettantistica Perugia Calcio (amateurvoetbalclub Perugia), kortweg ASD Perugia Calcio, begint in regio E van de Serie D, het hoogste amateurniveau. Saillant detail is dat het in deze competitie eveneens Atletico Arezzo tegenkomt, dat op eenzelfde manier terug probeert te krabbelen naar het betaald voetbal.

De manier waarop dit gebeurt is bewonderenswaardig. Deze clubs zetten sportief stappen terug, maar bouwen aan een nieuwe club met mensen die van de club houden. Ze hoeven er geen geld aan te verdienen, laten zich niet verleiden tot wanbeleid en het nemen van absurde risico’s. De achterban is kleiner geworden, maar zij die zijn gebleven zijn hondstrouw. Met hun inzet zullen instituten als Perugia en Arezzo nooit verloren gaan, en binnenkort hopelijk weer in de hogere regionen te bewonderen zijn.

Stadio Renato Curi gezien vanaf de hooggelegen historische binnenstad van Perugia

Idem, vanuit een andere hoek

De buitenzijde van het stadion, met de genoemde politieke graffiti

Curva Nord

Zicht vanuit de spelerstunnel

Graffiti onder de Curva Nord

Buitenaanzicht

Panorama

Ook leuk om te lezen