Archief van auteur
Normaal gesproken kunnen we erg van ze genieten, maar deze week moeten supporters van Fenerbahçe zich een beetje schamen. In de derby van afgelopen zondag tegen Galatasaray hadden ze het gemunt op Didier Drogba. Zijn balcontacten werden steevast begeleid met oerwoudgeluiden en er werd met bananen gezwaaid.
Drogba reageerde dinsdag op de officiële Facebookpagina van Galatasaray: “Jullie noemden mij een aap, maar huilden toen je werd verslagen door Chelsea in 2008. Jullie noemden mij een aap, maar jullie stonden te springen toen ik de Champions League won. (…) En het meest trieste: jullie noemden mij een aap, en sprongen op toen mijn ‘aap-broeder’ (Fener-spits Pierre Webo, red.) tweemaal scoorde. En jullie noemen je echte fans?”
Eergisteren belegde Fenerbahce een opvallende persconferentie. De fan op de bovenstaande foto was daar aanwezig. “Ik heb net een operatie achter de rug en eet vooral fruit”, zou hij hebben gezegd. Sommige vrienden van hem zijn ook zwart, voegde hij toe. Een andere vriend kreeg ook een banaan en stond op een foto. Hij vertelde dat ze de (blanke) keeper uitscholden, niet Drogba. Fenerbahçe had foto’s waarop volgens de club, was aangetoond dat Drogba en Eboué toen niet eens op het veld stonden. Ze legden uit dat racisme ‘niet strookt met Turkse tradities’ en dat men ‘Turkije wil redden van de negatieve beeldvorming, vooral in buitenlandse media’.
Ondanks dat we ons op deze site eigenlijk nooit negatief zijn over supporters steunen we Drogba in zijn strijd tegen het racisme en vinden we dat Fenerbahçe zich moet schamen voor het goedpraten van de incidenten. Ze hadden deze kleine groep (want daar hebben we het over) ook vanuit de club kunnen veroordelen door ze nooit meer naar binnen te laten. Door te doen alsof er niets gebeurd is maken ze het probleem eigenlijk alleen maar erger.
(Foto en vertaling van de persconferentie van www.hurriyetdailynews.com)
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
Het is gisteren vroeg in de ochtend. In het plaatsje Walsall, Engeland, wordt de finale van het schoolvoetbaltoernooi gespeeld. Zo’n 1000 opa’s en oma’s, ouders en scholieren bekijken hun helden in het stadion van derdedivisieclub Walsall FC. Sommigen hebben 200 kilometer gereden: Lancashire ligt niet om de hoek.
Als de wedstrijd begint, slaat het jeugdig enthousiasme over op de tribunes. De jongens uit groep 7 en 8 worden fanatiek aangemoedigd door hun familie. Iedereen geniet. Moeders gillen, vaders zingen en zusjes blazen op toeters.
Het vrolijke schouwspel wordt in de 15e minuut ruw verstoord door de stadionspeaker. “Willen jullie stoppen met zoveel lawaai te maken!” Mensen kijken verbaasd om zich heen. Wat blijkt? In de businessroom van het stadion was een luxe lunch aan de gang. De heren hoogwaardigheidsbekleders begonnen te klagen. Waarom moeten die mensen zo schreeuwen? Beveel ze maar om stil te zijn, en snel graag. Zo geschiedde. Geschokt hielden de brave papa’s en mama’s hun mond. De rest van de wedstrijd verliep in betrekkelijke stilte.
Natuurlijk, we hebben al gekkere dingen meegemaakt. Toch laat dit verhaal ‘mooi’ zien hoe het zit in het moderne voetbal. Het geld maakt de dienst uit, wij gehoorzamen. In stilte.
(Foto via esfa.co.uk)
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
Ruim een week geleden vroeg de stadionspeaker van FC Utrecht de bezoekende NAC-fans het woord ‘kanker’ niet meer te scanderen. Het uitvak reageerde vol onbegrip: dat woord werd helemaal niet gebruikt. Een week later is duidelijk dat het om een vergissing ging, maar FC Utrecht weigert excuses aan te bieden en daardoor staat de voetbalsupporter weer onnodig in een kwaad daglicht.
Vorige week zondag waren 450 patiënten van het Wilhelmina Kinderziekenhuis aanwezig bij de wedstrijd tussen FC Utrecht en NAC Breda. Blijkbaar hadden enkele mensen binnen Utrecht het woord ‘kanker’ uit de hoek van het uitvak gehoord. De stadionspeaker kwam in actie: “Supporters van NAC, graag jullie aandacht. Wij willen uit jullie vak geen spreekkoren met het woord ‘kanker’ erin hebben.” De bezoekers keken elkaar vragend aan en ook Utrecht- supporters fronsten hun wenkbrauwen. Niemand had het woord verder gehoord, behalve een journalist van RTV Utrecht die uiteraard meteen veel bijval kreeg van heel veel Nederlanders die gezamenlijk concludeerden dat het schorremorrie dat zich voetbalsupporter noemt zich weer eens diep moest schamen voor deze wandaad.
Een vak vol doodzieke kids van het WKZ en dan als publiek van #NAC met het k-woord gaan smijten. Wat een verliezer ben je dan #utrnac #3-0
— Mark van der Wel (@MarkvanderWel) 21 april 2013
De reacties uit Bredase hoek waren vol afschuw. NAC besloot de zaak te onderzoeken en sprak met fans van beide kanten. Ook werd de geluidstape beluisterd. Nergens is het betreffende woord te horen. De stadionspeaker heeft waarschijnlijk het ‘schijt aan Utrecht’ verwisseld met ‘Kanker-Utrecht’. Een menselijke fout: kan gebeuren. Voor de NAC- directie zou een simpele ‘sorry’ voldoen, maar FC Utrecht probeert het zaakje onder een kleed te vegen om gezichtsverlies te voorkomen.
FC Utrecht vertelt vandaag dat NAC hen een brief heeft gestuurd met een aantal vragen. Die brief is beantwoord en dus ligt de bal nu in Breda. Verder komt er niets meer in de media en is de kous af, aldus een woordvoerder van de club tegenover de In de Hekken redactie. Volgens Utrecht is het namelijk een ‘zaak tussen twee clubs’, maar dat is niet het geval. Dit is geen zaak tussen de clubs, maar tussen de leiding van FC Utrecht en de geschoffeerde supporters van NAC.
In een reactie aan In de Hekken laat NAC weten dat er maar weinig klopt aan het verhaal van de Utrechters. De club uit Breda had de Domstedelingen gevraagd om bewijsmateriaal waaruit hun weergave van de werkelijkheid blijkt. Utrecht heeft hier, anders dan een korte reactie dat ze hiermee aan de slag gingen – nog geen vervolg aan gegeven.
Twee totaal verschillende lezingen dus. Ook in Utrecht komt steeds meer kritiek op de clubleiding. Utrecht-fans stapten zelfs naar supportersverenigingen uit Breda. Een vertegenwoordiger van Fanzine De Rat, legt uit: “We kregen mailtjes van zes supporters en meerdere sponsoren. Zij zijn ook helemaal klaar met de clubleiding. Volgens hen flikt FC Utrecht het al jaren. ‘Nu zetten ze jullie in de zeik, maar dat gebeurt ook vaak bij ons.’ Helaas kregen we op al onze mails geen antwoord.”
Wat ons betreft moet FC Utrecht diep door het stof. Het is wel duidelijk dat de veiligheidsafdeling van FC Utrecht heeft gefaald. Fouten maken mag, maar geef het dan gewoon toe. Nu worden de supporters van NAC onterecht neergezet als een groep barbaren die het nodig vonden om zieke kleine kinderen te kwetsen, terwijl niets er op wijst dat ze dit ook daadwerkelijk gedaan hebben.
(Foto via Breda Vandaag)
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
Borussia Dortmund ontsnapte vorige week tegen Malaga en dat was niet alleen aan de spelers te danken. De mannen van The Unity 2001 maakten er, zoals wel vaker een mooie avond van. De sfeeractie was mooi, maar echt indrukwekkend is de voorbereiding. Kijk en geniet zes minuten lang mee van dit heerlijke stukje vakmanschap.
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
De woorden ‘vergane glorie’ gaan hand in hand met het groundhoppen. Bij MTK Budapest kunnen we zelfs van ‘vermoorde glorie’ spreken. De Joodse club mag dan een van de succesvolste in Hongarije zijn, na de oorlog is er weinig van over.
Tussen vervallen muurtjes, kleine huisjes, en veel kale plekken doemen vier lichtmasten op. Vanuit het redelijk gevulde trammetje kun je het stadion zien liggen. In de verte zijn ook de lichtmasten van het Puskás-stadion te zien. Tot onze verbazing zijn we de enigen die uitstappen. Vanaf het tramstation kijken we naar de tribunes. De blauwe en gele hekken vallen meteen op, maar zelfs het mos op het rottende beton is zichtbaar. Stil dalen we af. Tijdens ons rondje stadion komen we langs kleine raampjes, waar de verf al jaren van het kozijn afbladdert. Op een van de kozijnen staan voetbalschoenen en uit het raam komt stoom: dat moeten de kleedkamers zijn. Gezien de buitenkant van het stadion, kun je de staat van de douches raden.
Langs het stadion staan kraampjes met allerlei pitjes, maar vooral zonnebloempitten. Met allerlei kleuren. Waarom hier, vragen we ons af. En waarom überhaupt zonnebloempitten? We lopen door en komen bij de ‘kassa’: een raampje van 30 bij 20 centimeter. De vrouw spreekt geen woord Engels. De twee Polen die we tegenkomen kunnen ons ook niet helpen. Ik steek een vinger in de lucht. ‘One please.’ Op de site stond dat het goedkoopste kaartje 600 Huf kost, zo’n 2 euro. De vrouw pakt papier en schrijft er 1400 op. We gaan akkoord.
Twee kale kolossen in felgele jassen laten ons binnen. Norse kop, zwarte handschoenen. Buiten zagen we een bord met een rode streep erdoor. We maken ons op voor de fouillering van de eeuw, maar hij valt mee. Eenmaal op de grote tribune probeer ik al snel de staanplaatsen op te zoeken, maar van achteren klinkt een ferme ‘No’. Weer de kolossen. In deze landen is een simpele ‘no’ doorgaans genoeg, dus ook voor ons.
We proberen een andere steward met handgebaren duidelijk te maken dat we de supporterswinkel zoeken. Ook een kale kop en norse blik. Na enige tijd herkent de meneer het woord shop. Hij gaat even informeren bij een collega en komt terug met de woorden ‘no shop’.
Ondertussen begint ons hart sneller te kloppen. We zijn bang dat ook het lauwe bier ontbreekt. En de slappe broodjes. Gelukkig hebben ze een catering. Die bestaat uit een tafel met wat broodjes, zakjes chips en weer pompoenpitten. Ons oog valt meteen op de blauwe halve literblikken achter een glimlachende mevrouw. Nadat ze de blikken in bekertjes heeft gegoten en wij hebben geproefd, komt de bevestiging: het is inderdaad lauw bier.
De tribune wordt vooral bevolkt door iets oudere mannen. Ze zitten bedaard en bekijken de wedstrijd. Sommige met hoedjes, sommige met pijpenkrullen en de meeste duidelijk van Joodse komaf. De fans van de tegenstander, dik twintig stuks, zijn wel luidruchtig. Ze staan aan de overkant op de verder lege tribune.
De wedstrijd zelf is niet de moeite. Al na drie minuten kijkt de thuisploeg, na een blunder van de keeper, tegen een achterstand aan. Daarna wordt er niet meer gescoord. Wel beginnen de oude mannetjes af en toe massaal te schreeuwen tegen de scheidsrechter, die MTK overigens een paar keer duidelijk bevoordeelde.
We raken aan de praat met een man voor ons. Het eerste wat aan hem opviel, was z’n irritante gastoeter. Het tweede dat hij, net als veel anderen, onophoudelijk op pitjes bijt. Als laatste was hij een van de enige die de ploeg fanatiek aanmoedigt.
Hij vertelt dat het stadion in de jaren vijftig was gebouwd. In de jaren tachtig kwamen er zo’n zesduizend man op wedstrijden af, met een record van 20.000 toeschouwers. Nu zijn er nog maar een plukje fanatiekelingen.
Hoe kan een club met zoveel landstitels (23) zo weinig fans hebben? ‘Because of television’, antwoordt de man. Hij bijt weer op een pitje. Ik geef hem een agains tmodern football sticker en leg het principe uit. Hij knikt instemmend, terwijl z’n zoontje langs de hekken heen en weer rent.
De commercie blijkt later niet de grootste boosdoener. Onze vriend vertelt dat MTK oorspronkelijk een houten tribune had. Die was vernield in de oorlog. Voor die tijd bevolkten soms 45.000 man het stadion. Ik laat een stilte vallen en vraag of zij allemaal vermoord zijn. ‘Much are murdered, yes.’
De woorden bonzen nog door in m’n hoofd als ik naar de lege tribunes kijk. Vroeger zou dit stadion de helft van de MTK-fans niet eens aankunnen. Nu komt nog een plukje joodse mensen naar de plaatselijke trots. Een schitterende plek, maar met een wrange bijsmaak. Net als de pompoenpitjes.
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
Tom van Hulsen (VI) schreef een kleine twee weken een heerlijke column over de documentaire ‘The Four Year Plan’. In deze docu kijken de makers naar de manier waarop Queens Park Rangers wordt bestuurd en als we de trailer zo bekijken is dat echt een must see voor alle haters van het moderne voetbal.
Als je goed zoekt op Google kom je de docu wel tegen, maar we respecteren de makers (die mensen moeten er van leven) en gaan hier geen linkjes delen.
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.
‘De club zit in m’n bloed’, horen we bijna overal wel. Bij Union Berlin gaan ze verder. Hun bloed zit in de club. Na het zoveelste bijna-faillissement brachten de fans redding door in 2004 hun bloed voor de club te verkopen. De geschiedenis van de ‘Eisern Union’ is fascinerend. Een verhaal over de opstand tegen het DDR-regime, een ‘fans-made’ stadion en de bloedband met Sankt Pauli.
Al in 1923 bekijken 64.000 mensen een wedstrijd van Union Berlin tegen HSV. Het wordt echter pas interessant na de tweede wereldoorlog. De club werd gesplitst: er kwam een vereniging in West-Berlijn en een oostelijke variant. Die laatste club speelde na vele naamwijzigingen vanaf 1966 onder de naam 1. FC Union Berlin.
FC Union kwam uit in de Oost-Duitse Oberliga en streed daarin o.a. tegen aartsvijand en stadgenoot BFC Dynamo. Dynamo was de club van de Stasi, de gevreesde veiligheidsdienst. Het voetbal in de Oberliga was dan ook met corruptie doorvlochten: Dynamo werd het uithangbord van de communistische partij, beval spelers van Dynamo Dresden naar de hoofdstad te verhuizen en werd recordkampioen. Critici van het regime vonden hun weg naar An der alten Försterei , het stadion van FC Union.
Voetbal werd van ondergeschikt belang. De tribunes werden het decor van een angstig maar moedig verzet. Wanneer Union een vrije trap nam, riep het publiek: ‘Die mauer müss weg’. Ook andere staatskritische liederen werden gezongen en niet zonder consequenties. Stasi-spionnen wisten het stadion ook te vinden en niet zelden werden enkele supporters van de tribunes gehaald. Van hen werd vaak niets meer vernomen.
Toch bleef met zich dapper verzetten. Die saamhorigheid hebben de supporters tot op de dag van vandaag. In 2004 was de club bijna failliet. Fans bedachten de actie Blut für Union: ze verkochten hun bloed en doneerden het geld aan de club. Enkele jaren daarvoor stond een andere Duitse cultclub, Sankt Pauli, op instorten. Toen hielpen Unionfans mee geld in te zamelen. Toen de St. Pauli-fans twee jaar later van de actie hoorden, besloten velen ook hun bloed af te staan. Sankt Pauli en Union Berlin zijn zo voor altijd Blütsbruder.
In 2008 zat voorzitter Dirk Zingler, zelf gewoon fan, met z’n handen in het haar. Het stadion was verouderd en geld voor een renovatie was er niet. Fans boden uitweg. Ze besloten zelf de handen uit de mouwen te steken. Met in totaal 2400 (!) vrijwilligers werd An der alten Försterei grondig verbouwd. Elke dag waren zo’n vijftig man op de club. Supporters die zelf moesten werken, konden op de site professionele arbeiders inhuren voor de club (15 euro per uur). Binnen een jaar was het stadion (80% staplaatsen) volledig gerenoveerd.
Eerder postte In de Hekken een van de meest opvallende tradities van de club. Hordes mensen nemen ieder jaar voor Kerstmis de weg naar het stadion om kerstliederen te zingen. Met een kaars, een glas glühwein en een boekje met liedteksten in de hand wordt 90 minuten lang gezongen. Tien jaar geleden was de eerste editie. Initiatiefnemer Torsten Eisenbeiser legt uit: “Na weer een slechte wedstrijden gingen we naar huis en vergaten we elkaar een gelukkige kerst te wensen. Ik stelde aan een vriend voor om de dag voor kerstmis naar het stadion te gaan en samen wat kerstliedjes te zingen.” En zo geschiedde. Uiteindelijk kwamen 89 man opdagen en tien jaar later zijn dat er zo’n 17.000.
Zo kunnen we nog wel een tijdje doorgaan. Supporters organiseren ieder jaar een roeirace en iedere maand een bijeenkomst. Er zijn meer fanclubs dan selectiespelers. Toch willen we afsluiten met de inmiddels wel bekende hymne ‘Eisern Union’ (vanaf 2.15, maar de rest is ook zeer fijn!).
Jannes van Roermund
Jannes komt uit Breda en is daarmee uiteraard fan van NAC. Van de goede oude tijd heeft ie weinig meegekregen, maar ook hij is er heilig van overtuigd dat vroeger alles beter was. Als journalist in spé hoopt ie met een kritische blik te kunnen helpen in de strijd tegen het moderne voetbal.












